Wintervacht

De winter, die hoort bij mij.
Die zomer, dat is voor de mensen daarbuiten, die bestaan, op deze aarde.

Kaarsjes zijn fijn. Sloffen zijn zo fijn. Het bed is ook vaak fijn. Buiten is het soms lekker en fris, soms guur en vies. Beide weersomstandigheden maken dat het hebben van een huis nuttig is. Je kunt in de winter daarom legitiemer verlangen naar de kachel en je sloffen. De zomer is knusloos. Ik kan er niet inkruipen. De warmte maakt me ‘huidloos’.

Je hoeft niet leuk en vrolijk te doen, buiten, in het park of aan het strand. Geen vakantie te vieren, uit je dagelijkse systeem te raken. Vrienden maar een paar schamele kerstdagen te missen. Te kort, om daardoor van de wereld te raken.

Het chromische gemis voelt leeg, maar is vrij bekend. Melancholie in winter is veilig en passend. Melancholie in de zomer is mij te leeg. Te eng. Teveel doodsverlangen en doodsangst.

Geen zomerse kleding dragen, maar laagjes dragen met een extra vacht. Ook dat is veilig en lekker knus. Een dikke pyama aan. Misschien daardoor ook minder bed-angst ervaren, soms.

Je hoeft niet zo te voelen. Voelen wat je mist.
Niet zo te leven, wat je nog niet zo goed kan.

Ik hoop op een dag ietsje meer zomer te worden. Minder laagjes, minder donker. Minder bang voor leven en zon, en een glimlach die ik van binnen kan voelen en niet alleen van buiten wordt opgeplakt.

3 Comments

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.