We zijn iemand kwijt

Voor zover ik weet, zijn we met z’n achten in mijn hoofd. Alters, delen, persoonlijkheden – hoe je het ook wilt noemen, al heb ik de voorkeur voor de term ‘delen’. Ik begin in therapie meer en meer te leren over de manier waarop alles werkt van binnen, wat vaak best confronterend kan zijn. Recent heb ik geleerd dat één van de delen – Bo – een soort ‘toezichthouder’ is. Zij heeft meer zicht op de functies van de verschillende delen, wat ze doen en hoe ze zich voelen.

Bo is ongeveer 10, geloof ik. Ze vindt het moeilijk om te praten en te bewegen – ze voelt zich vaak bevroren. Bo wil graag antwoorden, ze wil weten hoe alles werkt, waarom dingen zijn zoals ze zijn. Of zoals ze het zelf zegt: de puzzel oplossen. Het is moeilijk voor Bo als ze het overzicht kwijt is of als ze het antwoord niet weet op een vraag.

Tijdens een recente therapiesessie, vroeg Peut aan Bo of zij wist hoe het gaat met kleine sae, omdat die al een tijdje niet meer met Peut heeft gepraat. Moeilijk. Schouders ophalen. Dissociëren. Uiteindelijk: “Ik ben kleine sae kwijt. En de baby ook.”

Zomaar verdwenen?

Doordat ik DSNAO heb (de niet anders omschreven variant van DIS), krijg ik van een afstandje mee wat er gebeurt als ik naar een ander deel ben geswitcht. Dat kan verwarrend zijn en deze uitspraak was bij uitstek verwarrend. Ik had er geen flauw benul van dat kleine sae en de baby ‘kwijt waren’: ik wist alleen dat ik al een paar weken opgelucht was dat ik niet constant de intense pijn en verdriet van kleine sae voelde doorstralen naar mezelf. Ik dacht dat het allemaal wel goed zat.

Zoals Peut ook tegen Bo zei: delen kunnen niet zomaar verdwijnen, waarschijnlijk hebben kleine sae en de baby zich ergens verstopt. Of Bo ook wist waarom dat misschien zo was? Dat kleine sae heel bang was, heel verdrietig, en dat ze daarom weg wilde. Op de achtergrond luisterde ik mee en later realiseerde ik me dat ik me misschien zelfs een beetje schuldig voel. Ik weet wel dat ik moeite heb met de delen en ze vaak probeer weg te duwen, maar een klein meisje en een baby zomaar in hun eentje ergens laten verpieteren? Dat klinkt toch wel heel gemeen…

Samenwerking

Peut vroeg of er ook iemand is, van binnen, die kleine sae en de baby kan helpen of troosten. Volgens Bo is zo iemand er niet, en ik heb er ook nog nooit iets van meegekregen. Dat zegt trouwens niet alles, soms blijken er ineens delen te zijn die ik nog niet ‘kende’ (al hoop ik dat het bij 8 blijft, dat vind ik meer dan genoeg…). Later, toen Bo weg was en ik er weer was, vroeg Peut of het een idee was om te kijken of er misschien zo iemand kon komen in de binnenwereld: een trooster, iemand die steun kan bieden en naar de kleintjes kan luisteren. Ik vind het maar vreemd en zie niet helemaal voor me hoe zoiets zou werken, maar ben benieuwd naar de ideeën van mijn therapeut.

Ik vind het maar moeilijk, die kleintjes in m’n hoofd. Zeker als ze (te) veel emoties hebben. Het maakt me vaak boos als ze verdrietig zijn: ik kan nauwelijks lief zijn voor mezelf, moet ik de anderen dan ook nog gaan troosten?! In die zin zou het misschien wel fijn zijn als er een deel kan zijn wat die ‘last’ een beetje op zich kan nemen. Ondanks de chaos die het oplevert, hoop ik toch dat we kleine sae en de baby weer terugvinden… Een voetbalwedstrijd win je immers ook niet met de helft van het team en ik probeer te onthouden dat wij een team zijn. Alle delen zijn er om te helpen, of zijn in ieder geval met die reden ontstaan.

We moeten een team zijn.

Lees ook:

  • te groot lichaam meisje kijkt naar vrouw

    Ik ben zesentwintig - of nou ja, mijn lichaam is zesentwintig. Ik voel me op z'n hoogst 23. Pip is vier, kleine sae is zes, Britney is een jaar of 17 en de baby... dat spreekt voor zich. Maar dat…

Meer informatie over dissociatie en DIS

E-book over dissociatieve identiteitsstoornis:

DIS mini uitgelicht

Misschien heb je net te horen gekregen dat je een dissociatieve identiteitsstoornis (DIS) hebt, of ken je iemand die dit heeft. Maar wat is DIS eigenlijk precies en hoe kun je ermee omgaan? Wat zegt de wetenschap en welke therapieën zijn er? En… hoe is het eigenlijk om DIS te hebben, valt er een beetje mee te leven?

Aan de hand van wetenschappelijke artikelen, het psychiatrisch handboek DSM én ervaringsverhalen geeft Rivka Ruiter je in deze dsmmini antwoord op bovenstaande vragen. Een dsmmini is een klein e-bookje dat inzicht geeft in een stoornis uit de DSM. De ervaringsverhalen zijn van Daniëlle (31), Hannah (26) en Melissa (26), drie jonge vrouwen met DIS of AGDS (andere gespecificeerde dissociatieve stoornis).

Dit e-book is een PDF, je kunt hem lezen op je computer of telefoon zonder e-reader!

Kijk voor tips om om te gaan met psychische klachten ook eens op psyche.tips

lees meer