Virusstress

De coronapandemie maakt allerlei dingen in mij los die jarenlang een sluimerend bestaan leidden. Ze lagen te wachten op een kans om los te breken. Dus heb ik nu smetvrees, handenwasdwang, een handcrèmeverslaving en een anderhalvemeterobsessie.

Gisteren was ik net een halfuur thuis toen ik al drie keer mijn handen had gewassen. Na het thuiskomen, na het schoenen uittrekken en nog een keertje voor de zekerheid. Is dat nou te veel?

O ja, ik lijd eveneens aan een specifieke vorm van straatvrees. Lege straten zijn oké, maar het is al snel te druk. Loopt er iemand voorbij, dan spring ik een paar meter opzij. Een ommetje maken is dus ook niet meer echt een ontspannende bezigheid.

In de supermarkt loop ik geregeld vast op een klant die bij een schap staat te twijfelen wat hij eens zal nemen. Dan houd ik afstand tot de persoon klaar is. Zelf durf ik niet meer te twijfelen over een aankoop. Snel pak ik wat ik nodig heb en gooi het in de kar. Trouwens, ze zeggen wel dat zo’n kar anderhalve meter is, maar heeft iemand dat nagemeten?

Met al die aandoeningen blijft er nog meer dan genoeg tijd over voor allerlei gepieker, bijvoorbeeld over de vraag of het raar zou zijn om de boodschappen thuis af te nemen met een doekje. En vanaf hoeveel boodschappen het acceptabel is om naar de winkel te gaan. Of het te ver voert om je huissleutels schoon te maken. En hoe vaak je dat dan moet doen.

Het is kortom kermis in de hel voor deze autist.

’s Nachts lig ik in bed, met bonkend hart en denk ik dat mijn einde nabij is. Dan ga ik er zuchtend uit, aai de kat, drink water en ga weer mijn bed in. Nee, niet even op mijn telefoon naar nieuws kijken nu! Dat gaat het echt niet beter maken.

Het hoogtepunt van de dag is als er iets op tv is dat niks met corona te maken heeft. Een Duitse krimi, een oorlogsserie of een Engelse detective. Daar gaan ook mensen in dood, maar niet aan een virus. Ze worden gewoon vermoord.

Ook zin gekregen om te schrijven? Stuur een blog in naar dsmmeisjes!