Vangnetten

Vandaag is zo’n dag dat ik weer ontiegelijk dankbaar ben voor onze huishoudelijke hulp. Ze komt een keer in de twee weken drie uurtjes. Mijn berg was groeide langzaam en meestal is dat een teken dat het niet zo lekker met me gaat. Met name de schone was, want was opvouwen heb ik echt een hekel aan. Ik kan het ook gewoon niet, mijn stapeltjes zijn altijd belachelijk wiebelig. Daarom vouw ik het gelijk de kast in, hoeft het stapeltje niet te verhuizen.

Afgelopen weekend was fijn. Familie in huis, neefjes en nichtjes die bleven logeren. Mooie herinneringen gemaakt op moeilijke dagen. Dat is dikke winst! Maar de rekening is me wel gepresenteerd. Het huishouden liep vast, gelukkig niet zo vast als het in het verleden deed. Eigelijk liep ik vast, de huishoudelijke taken gingen nog door, waar strikt noodzakelijk. Maar wel met oplopende achterstand. Mijn energie was beneden peil en de batterij laadde bijna niet bij. Ik heb al de winst dat ik mezelf eraan kan herinneren dat het tijdelijk is. Ik heb teveel van mezelf gevraagd en dat moet gecompenseerd worden. In het verleden betekende dat het hele huishouden stagneerde en de bergen steeds groter werden. Nu heb ik één keer in de twee weken een vangnet voor het huishouden. Eerder als ik zo’n slechte periode had kwam ik vroeg of laat in een dikke neerwaartse spiraal terecht. Want niet alleen bij mij van binnen groeide de onrust. Ook in huis werd het steeds chaotischer.

Inmiddels heb ik op verschillende gebieden vangnetten. De huishoudelijke hulp onder andere. Als ik de boel wel zelf op orde heb, ga ik dan iets groters doen, kledingkasten uitzoeken bijvoorbeeld.

Ook onze gezamelijke kalender, een planbord en vlaggetjes met de dagindeling zijn vangnetten. Zodat als ik vastloop, ik alleen maar even naar onze planningen hoef te kijken en ik door kan gaan met ‘normaal leven’, zonder eerst bakken met puin te moeten ruimen. Alles wat in de tussentijd niet is gedaan is jammer, maar zodra ik het schema weer op pak, komt dat vanzelf weer aan de beurt.

Eén dag in de week hoef ik niks, zijn de kinderen elders onder de pannen waar ik ‘s avonds zelf ook aan kan schuiven. Ook een belangrijk vangnet. Die dag mag ik de hele dag met een dekentje op de bank series kijken, slapen, doelloos voor me uit staren, me helemaal verliezen in een project, of in bed kruipen en alle verboden gevoelens onder ogen komen. Wat er op dat moment ook maar aan de orde is. Er is ruimte voor.

Mijn thuisbegeleidster komt een keer in de twee weken. Zij helpt me vaak mijn razende gedachten/gepieker terug te brengen tot menselijke proporties. Ook peilt ze regelmatig hoe het met de kinderen gaat en versterkt daarin mijn zelfvertrouwen.

Qua boodschappen en eten had ik ook een systeem, maar dat heeft nu iets meer flexibiliteit nodig, aangezien het aanbod van de voedselbank varieert.

Die systemen zijn behoorlijk maatwerk en ik heb ze in het verleden regelmatig omgegooid of afgedaan. Dan baalde ik weer verschrikkelijk van mezelf en voelde alles nutteloos, dus ging het de prullenbak in. Om op een later moment weer hyper-gemotiveerd een nieuw systeem te bedenken, waarmee ik mijn leven deze keer echt wel op orde ging krijgen… Een heel erg herkenbaar patroon voor borderline eigenlijk… Aantrekken en afstoten.

Tegenwoordig gooi ik eigenlijk zelden systemen weg. Als ik ze even niet kan volgen betekent het niet gelijk dat ze niet goed zijn. Dat betekent dat ik het op dat moment nodig heb om ze los te laten, maar dat ik ze altijd weer op kan pakken als ik er aan toe ben. En dat voelt wel veilig, als altijd aanwezige vangnetten.

2 Comments

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge