Straf en schuld

Deze blog gaat in op een vorm van zelfbestraffing. Heb je iemand nodig om mee te praten? Neem dan contact op met MIND Korrelatie of Sensoor.

Er was eens een meisje dat vond dat ze eigenlijk niet mocht bestaan. Sterker nog, het was echt supervervelend voor de mensen om haar heen dat zij bestond, want nu moesten die mensen met het meisje omgaan. En dat was heel zielig voor hen. Het meisje was namelijk een in- en in slecht meisje dat door een soort foutje van de natuur toch bestond. Ze had er helemaal niet mogen zijn maar ze was er. Dus stond alles wat ze deed in het teken van goedmaken dat ze ruimte innam. En alles was altijd haar schuld.

Dat uitte zich op allerlei manieren die we nu even niet gaan beschrijven want dan zitten we hier morgen nog. Eén van de dingen die het meisje deed, was zichzelf straf geven. Als ze iets niet goed had gedaan, of als ze last voor andere mensen had veroorzaakt, of als ze iets was vergeten of gewoon omdat ze bestond. Ze ontzegde zichzelf voedsel, warmte en comfort, want dat waren dingen die ze überhaupt niet verdiend had. Die dingen konden beter naar een ander gaan. En als de pijn van haar bestaan echt te heftig werd, dan automutileerde ze.

Het komt vast niet als een enorme verrassing dat ik dat meisje ben. Of was, eigenlijk, want de afgelopen jaren is er nogal wat veranderd. Ik beschouw mezelf niet meer als een soort misdaad tegen de mensheid, maar als best een leuk mens, met veel goede, mooie eigenschappen. Niet meer als iemand die niet mag bestaan. Niet meer als iemand die straf verdiend heeft. Ik automutileer al bijna vijf jaar niet meer (even afkloppen) en mijn eetstoornis is over het algemeen niet meer bedoeld om mezelf te straffen. Dacht ik.

Sinds anderhalf jaar heb ik een nare pijnklacht. Hij komt altijd ‘s nachts op en vormt een soort tennisbal van pijn in mijn rechter bovenbuik. Het is een pijn die niet te beschrijven valt aan iemand die hem niet gevoeld heeft. Het enige wat ik erover kan zeggen is dat hij gruwelijk is en dat niets helpt. Er is geen enkele houding van staan, zitten, liggen, lopen of ondersteboven hangen (en ja, dat heb ik geprobeerd. Je raakt ten einde raad.) die verlichting biedt. Pijnstillers helpen niet. Warmte en kou helpen niet. Het enige dat ik kan doen, is in kleermakerszit of op handen en knieën heen en weer wiegen en wachten tot het voorbij is. Dat duurt een paar uur, waarna ik uitgeput weer in slaap val of doodmoe aan mijn dag begin.

Anderhalf jaar van nachten vol pijn. Waarom ga je daar niet mee naar de dokter? De bittere waarheid: ik dacht dat het aan mijn eetstoornis lag. Ergens had ik mijn eetstoornis gelinkt aan de pijn en gedacht: dit komt door iets dat ik mezelf aandoe. En dus mag ik er geen hulp voor vragen.

Dat is natuurlijk onzin, want een eetstoornis is een ziekte, niet iets dat je jezelf aandoet omdat dat je nou een gezellig idee lijkt. Rationeel weet ik dat. Maar toch heeft het anderhalf jaar geduurd voor ik zo gek werd van de pijn dat ik naar de dokter ben gegaan. Dat was deze week. De dokter had nog geen drie minuten nodig om een diagnose te stellen, die de volgende dag door een echo werd gecontroleerd en bevestigd: galstenen. Ik heb galstenen en nu moet mijn galblaas eruit. Heeft geen klap met mijn eetstoornis te maken.

Waarom doe ik dat? Waarom laat ik mezelf niet naar de dokter gaan? Waarom mag ik anderhalf jaar lang geen hulp vragen voor een pijn die volgens mijn huisarts door moeders wordt omschreven als “erger dan een bevalling”? Ik heb wakker gelegen naast mijn ex-vriendin en een god waar ik niet in geloof gesmeekt om me alsjeblieft weer te laten slapen, zodat ik die pijn niet meer hoefde te voelen. Ik heb huilend in bed gezeten in zowel mijn vaders huis als mijn moeders huis en overwogen hen wakker te maken en te vragen me naar de huisartsenpost te brengen. En ik heb het niet gedaan. Waarom niet?

En toen begon het me te dagen. Ik ben nog steeds dat kleine meisje dat zichzelf straf geeft. Niet meer omdat ze bestaat, maar wel omdat ze fouten maakt. Die eetstoornis is een fout en het gedrag dat eruit voortkomt is fout, dus als dat gedrag gevolgen heeft, is dat mijn eigen schuld. Dan mag ik daar niks mee. Ik ben ook al jaren niet naar de tandarts geweest, omdat ik eventuele schade aan mijn tanden niet mag laten helpen. Ik neem pas een tabletje voor mijn brandende maagzuur als ik het echt niet meer hou. Eigen schuld. Moet ik maar niet kotsen.

Natuurlijk weet ik dat dat allemaal niet klopt en ik weet dat ik trots op mezelf mag zijn dat ik uiteindelijk naar de dokter ben geweest. Als mijn galblaas eruit is, zal ik nooit meer zo’n nacht hoeven meemaken en ik ben in staat om daarvoor huilend van dankbaarheid op mijn knieën te gaan liggen. Maar het haalt me niet uit die spiraal. Ik moet hulp vragen voor dingen, ook als ik denk dat ze mijn eigen schuld zijn. Ik weet alleen even niet hoe.

3 Comments

  1. Wat je schrijft is zo herkenbaar! Mezelf bijvoorbeeld geen rennie gunnen, want die maagpijn is mijn eigen schuld (ook al zou het dit keer door de medicijnen komen)..
    Goed dat je toch naar de huisarts bent gegaan uiteindelijk. Hopelijk ben je verlicht van de pijn zodra de galblaas eruit is 🙂 liefs

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge