stopknop

Stopknop

‘Een hupje’. Zo noemde mijn psychotherapeut het vandaag. Een hupje dat aantoont dat ik me eigenlijk heel goed voel. En zulke dagen zijn er veel. Maar er zijn ook gitzwarte dagen, waarop ik liever zou meevliegen met de vogels, in de grond kruip als een molletje of een bolletje van mezelf maak en onder mijn verzwaringsdeken kruip. 

Het doorgaan valt me soms zwaar. Ik ben nu 5 weken bezig met het DGT-traject en er wordt echt veel van je verwacht. Alle dagen een zelfreflectie schrijven en nagaan of je de vaardigheden hebt toegepast. De lat ligt niet te hoog; je mag fouten maken en je mag dagen hebben dat het niet lukt, maar je moet wel door. Want de laatste keer zei de psychologe: “Niet opgeven, hè!” Los van het werken aan jezelf, moet je ook nog een goede partner, een goede plusmama en een goede werknemer zijn.

Mannekes, kan er iemand op de stopknop duwen?!

De constante molen van doorgaan wordt me soms te veel. Waar ik vroeger vaak alleen op mijn (prikkelarme) kamer zat en genoot van de stilte en de rust, lijkt het volwassen leven soms een chaos van doorgaan. Maar nu komt de tegenstrijdigheid: als ik stilsta, word ik bang. Dus ik moet ook doorgaan om adrenaline te voelen en om de vele blije dagen te omarmen. Want stilstaan en stoppen betekent een flashback naar het verleden, toen ik niet anders kon dan stilstaan en ondergaan, zo hard dat ik wou verdwijnen. 

Dus, laat me maar zelf op de stopknop duwen, maar ook zelf weer op de startknop duwen. Misschien is het nu tijd om ze zelf te bedienen. En soms mag ik de gemakkelijke weg in plaats van de moeilijke kiezen, ook al duurt het herstel dan langer. 

Op dagen als vandaag, waarbij ik mezelf goed genoeg voel, duw ik op de startknop, met het idee dat ik altijd terug op de stopknop kan duwen. Want nu bepaal ik. 

Mannekes, kan ik zelf op de stopknop duwen?! 

PS. Dank je wel, psychotherapeute, om ‘mildheid’ aan mijn woordenboek toe te voegen! Het begint te lukken, op goede dagen.