vader en dochter

Op zoek naar een invalouder

Een maand na mijn vaders overlijden gingen mijn vriend en ik naar de sauna, even een dagje ontspannen en bijkomen van de afgelopen weken. Dat lukte best aardig, tot we aan het eind van de dag buiten stonden en onze mobiele telefoon voor het eerst die middag checkten. We hadden allebei meerdere gemiste oproepen en een dringend berichtje van zijn moeder of we zo snel mogelijk konden terugbellen. Zijn vader bleek een hartaanval gehad te hebben die middag.

Gelukkig was mijn schoonmoeder erbij en heeft die heel snel gehandeld. In de uren dat wij nietsvermoedend aan het badderen waren was mijn schoonvader al behandeld, waardoor we hem meteen konden bezoeken. Na een paar dagen in het ziekenhuis gelegen te hebben mocht hij weer naar huis en lijkt alles met een sisser afgelopen te zijn. Weinig schade, geen aanwijzingen voor verdere problemen op de korte termijn en de revalidatie gaat tot nu toe voorspoedig. Toch was ik behoorlijk van m’n stuk gebracht – meer dan ik had verwacht. Het korte tijdsbestek tussen het gebeuren rondom mijn vader en mijn schoonvader zorgde ervoor dat ik veel verbanden legde tussen de twee situaties. 

Ik heb mijn vader meermaals bezocht in het ziekenhuis, zelfs in hetzelfde ziekenhuis als waar mijn schoonvader dit keer lag. Ik realiseerde me ineens dat ik mijn vader nooit meer zou kunnen bezoeken in een ziekenhuis; hij had geen tweede kans gekregen. Het deed me denken aan al die keren dat hij daar lag in zo’n bed, een zielig hoopje man met veel pijn. Ondanks dat onze relatie slecht was, heb ik het wel altijd naar gevonden om hem zo te zien. Niet dat hem bezoeken een pretje was. Zijn opvliegendheid werd er niet beter op in een ziekenhuisomgeving, dus was het een gespannen bedoening. De enige keer dat het gezellig was, was toen hij high en giechelend in bed lag van het ketamine-shot dat hij gekregen had tegen de pijn. Hoe anders was het bij het bezoeken van mijn schoonvader; de relatie tussen hem en mijn vriend is zo ontspannen en natuurlijk. Het gemis van het hebben van zo’n relatie kwam hierdoor extra naar boven. 

De twee gebeurtenissen hadden veel gelijkenissen, maar verschilden op één belangrijk punt: de afloop. Het benadrukte het dunne lijntje tussen geluk en ongeluk, leven en dood. Het had zomaar andersom kunnen zijn. Stel dat er niemand thuis was geweest, stel dat hij in het buitenland was geweest, stel dat het in zijn slaap was gebeurd. Stel dat m’n vader wakker was geweest, stel dat mijn stiefmoeder iets had gemerkt in haar slaap. Een wirwar van emoties volgde. Opluchting dat het niet andersom was, schuldgevoel dat ik hierover opgelucht was, verdriet om het abrupte einde aan mijn vaders leven. Maar het opvallendste vond ik mijn angst, de angst om mijn kans op een vaderfiguur te verliezen. Na de hartaanval van mijn schoonvader schoot door mijn hoofd: ‘Dit mag nog niet stoppen, ik moet nog leren hoe een vader kan zijn, ik ben er nog niet klaar voor om zonder te moeten’. 

Kort na mijn vaders overlijden merkte ik opeens verschil in mijn houding naar mijn schoonvader. Ik vond het altijd al een lieve man, maar tegelijkertijd hield ik hem op een afstand. Mannen, en dan met name mannen die leeftijdtechnisch mijn vader zouden kunnen zijn, hebben mij altijd angst ingeboezemd. Deze angst was niet ineens weg, maar ik had wel een positiever gevoel bij hem dan voorheen. Het voelde alsof ik op zoek was naar een invalvader en daar toestemming voor had nu mijn vader er niet meer is, alsof ik nog een bepaalde drempel voelde toen hij nog leefde.

Mijn therapeut legde uit dat dit te maken kan hebben met hechting. Een belangrijk onderdeel van hechting is dat je je ouders idealiseert, dat je tegen ze kan opkijken. Dit geeft veiligheid en helpt bij het uiteindelijke internaliseren van een gezond ouderfiguur. Hoe ouder je wordt, hoe meer je je realiseert dat je ouders toch niet zo perfect zijn. Dit is oké, want je hebt je ouders niet meer nodig als volwassene – niet zoals een kind zijn ouders nodig heeft. Ik heb dit gemist vroeger, en blijkbaar komt nu die behoefte naar boven. Ook al voelt het een beetje raar en kinderlijk aan, moet ik proberen het gevoel niet te onderdrukken, want het zorgt ervoor dat ik dit stukje hechting kan inhalen. Het wordt vanzelf weer minder, en in principe gaat het om een fijn gevoel. 

Het gaat namelijk om dingen als veiligheid, zorgzaamheid, steun, warmte. Dingen die ik helaas nooit (of in hele kleine mate) van mijn vader heb kunnen krijgen. Eén van mijn meest memorabele momenten van vorig jaar was een gesprek met mijn schoonvader, vlak na mijn vaders overlijden. Ik was op dat moment ook veel bezig met de relatie met mijn moeder, dus ik zat niet zo goed in m’n vel. Hij zag dat, gaf me een knuffel, en zei: ‘Gaat alles oké? Ik heb het idee dat ik me zorgen moet maken om je’. Dat iemand – en niet zomaar iemand, maar een ouderfiguur, doorheeft dat er iets speelt en daar een open gesprek over kan voeren, ben ik niet gewend. 

Ik heb in mijn omgeving gezien hoe veel verschil het maakt als er een persoon is die de ouderrol kan oppakken als de echte ouder tekort schiet. Het maakt niet alles goed, maar het verzacht de pijn van het missen van de eigen ouder. Er is iemand om op terug te vallen, om raad aan te vragen, om je te troosten. Ik stond zelf helaas niet eerder open voor een vervangende ouder, ik denk dat ik nog te veel loyaliteit naar m’n eigen ouders voelde. Nu ben ik er meer aan toe en heb ik het geluk fijne mensen in mijn omgeving te hebben waar ik bij terecht kan.

Door gesprekken zoals die met mijn schoonvader besef ik steeds meer dat het waarschijnlijk niet aan mij ligt dat ik weinig zorg en liefde heb ontvangen van mijn ouders; als anderen het wel kunnen geven aan mij, ligt het misschien toch ergens anders aan. Ik ontdek dat er ruimte is voor mij en mijn problemen, zelfs al heeft de ander veel aan zijn hoofd. Ik merk hoe prettig het is om dit te hebben en hoezeer ik dit gemist heb. Ik leer met kleine stapjes mannen te vertrouwen, en ervaar hoe vaders zich horen te gedragen – en ook al is m’n schoonvader niet de mijne, dit is heel erg waardevol voor mij.

Lees ook:

  • Toekijken achter muren van glas

    Voordat ik besef had van het gemis wat ik heb gekend in mijn jeugd was alle aandacht goed. Ik was niet lief voor mijn lichaam en leende het steeds weer uit aan een andere persoon. Ik had nog niet door…

lees meer

1 reactie

  1. Hoewel je als je volwassen wordt misschien minder een ouder(figuur) nodig hebt, zie ik om me heen dat veel mensen heel lang nog een ouderfiguur hebben of zoeken. Ik denk dat daar niets mis mee is. We kunnen ook leren van de mensen met meer levenservaring.
    Lees een van mijn persoonlijke blogs: Waarom doe ik dit?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Ik wil linken naar een blog van mijn eigen website:

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.