Oordeelsvrije irritatie aan de keukentafel

Irritatie aan de keukentafel

We zijn deze week een weekendje bij mijn schoonouders en het is prachtig weer. Mees vraag aan mij of ik mee ga wandelen… naar het tankstation voor sigaretten. Ik zeg dat ik weleens verder zou willen wandelen gezien het zo’n mooi weer is, maar dat wil hij niet. Zijn vader merkt op dat hij ook weleens wat anders mag gaan doen dan alleen maar roken. Met een diepe zucht leest Mees verder de krant.

Als zijn vader de kamer weer uit is zeg ik tegen Mees dat hij inderdaad wat meer zou moeten doen en vraag hem of hij al in gedachten heeft waar hij naar zou willen kijken qua werk met zijn begeleidster. Met een boze blik en geïrriteerde stem zegt hij dat het hem niet uitmaakt. Dat verbaast me telkens weer over hem. Hij heeft zo veel passie voor bepaalde dingen zoals politiek en geschiedenis, maar als het op iets ermee gaan doen aankomt, blokkeert hij volledig. Ik vraag er nog een keertje naar en hij zegt boos en zonder op te kijken dat hij het niet weet.

Het kwetst mij dat hij zo boos reageert en ik begin vol te lopen met emotie. In het kader van gelijk mijn gevoelens uiten vertel ik hem dit, maar hij blijft een boze toon aanhouden en me niet aankijken. Ik kijk naar de opdracht waar ik mee bezig was maar de letters zwemmen voor mijn ogen, mijn hoofd zit te vol en ik weet niet meer wat ik ook alweer aan het typen was. Shit. Gaan we weer. Stomme persoonlijkheidsstoornis. Ik merk dat ik zijn irritatie persoonlijk opvat en dat ik aan het oordelen ben.

Nieuw Denkpatroon

Oordeelsvrij denken. Daar ben ik nu met therapie mee bezig. Ik herhaal deze twee woorden als een mantra in mijn hoofd en langzaam neemt de druk in mijn hoofd af. Ik neem de gedachte dat ik over mezelf aan het oordelen ben apart en bedenk me waarom ik dat aan het doen ben. Vanwege de reactie van Mees. Wat roept dat in mij op? Het idee dat ik hem niet goed kan helpen. Daar zit een oordeel over mezelf in en dat wil ik proberen los te laten. Ik probeer de gedachte anders te formuleren. Op dit moment kan ik hem niet helpen, nee, wil hij niet geholpen worden. Dat is de feitelijke situatie, daar zit geen oordeel aan. Niet over mij, niet over hem.

Gelijk merk ik dat ik het schuldgevoel en verdriet vermindert en als ik weer naar mijn scherm kijkt kan ik gewoon weer lezen wat er staat. Ik besluit mijn opdracht even opzij te zetten en deze overwinning op te schrijven, zodat ik er wat langer bij stil kan staan hoe goed dit gegaan is. Oefening baart kunst en dit is een van de eerste stappen in de goede richting.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge