Ode aan het vangnet

Vanaf jonge leeftijd heb ik al diverse problemen wanneer het gaat om mentale gezondheid en gezond gedrag. Door onder andere die problematiek en hoe ik mijn omgeving ervaarde accepteerde ik zelden tot nooit hulp. Want ik deed alsof er niks aan de hand was, dus waar konden mensen mij überhaupt mee helpen? En toen ik doorhad dat ik niet meer kon doen alsof er niks was, toen had ik gewoon ‘wel eens wat moodswings’ en dat had iedereen, toch? Dus ook daar vroeg en accepteerde ik zelden tot nooit om hulp. Ik negeerde mijn problemen al zag ik ze groter worden, ik was ervan overtuigd dat ik dit alleen moest doen.

Door de jaren heen heb ik hier en daar wat veranderingen ingebracht en na aanleiding van therapie heb ik geleerd hoe ik om hulp moest vragen en hoe ik kon herkennen dat iemand mij wil helpen. Het is nog steeds lastig en soms doe ik weken alsof er niks aan de hand is. Maar het is soms zó fijn om gebruik te maken van mijn vangnet, van mijn samengestelde lijstje aan vrienden en familie die mij mogen en kunnen helpen.

Mijn vangnet heeft ervoor gezorgd dat ik überhaupt mijn problemen aankaart of dat nou bij hun of bij een professional is, dat ik mensen meer leer vertrouwen, mezelf beter begin te begrijpen en boven alles; dat ik durf om hulp te vragen. Mijn vangnet zorgt ervoor dat ik niet alleen maar in bed lig, dat ik bezig ga met dingen en dat ik mezelf fatsoenlijk verzorg. Het klinkt heel sneu, maar zonder mijn vangnet was ik veel en veel verder van huis. Voor mezelf zorgen vind ik moeilijk, want waarom zou ik zorgen voor iemand waarvan ik walg? Dingen doen vind ik moeilijk omdat het allemaal zo onbereikbaar lijkt; ik kan immers niks. En uit bed gaan is het lastigste wat ik elke dag probeer te doen maar het lijkt allemaal zo zinloos. Opstaan voor wie? Ik geef niks om dit hulsel of mijzelf en hoeveel ik ook om anderen geef; het is niet genoeg. Daarnaast blijf ik elke keer weer veel te lang hangen in die denkpatronen, het lijkt soms alsof het nooit gaat eindigen.

En net wanneer ik weer volledig op mijn bek ben gegaan, wanneer ik weer bloedend in een hoekje lig, psychotisch terug bij de realiteit kom op een voor mij onbekende straat; mijn vangnet is daar. Ik mag ze bellen, ik mag ze appen, ik mag midden in de nacht, ochtend, middag en avond langskomen als ik dat nodig heb. Daarnaast houden ze me in de gaten, steeds beter, ze hebben steeds eerder door wanneer het fout gaat en hoe ze in kunnen grijpen. Dus hoe moeilijk het ook is, ik blijf om hulp vragen, ik probeer elke keer aan te geven wanneer het fout gaat en ik probeer te geloven dat ze me niet vervelend vinden.

Hoe boos ik soms ook word als iemand zich met me bemoeit, al bedoelen ze het zo goed. Hoe gefrustreerd ik kan worden van mezelf en mijn hulpvraag, hoe afhankelijk ik me voel en hoe waardeloos ik dat vind; ik ben zó enorm dankbaar. Dus bij deze, aan iedereen die ik als mijn vangnet beschouw (jullie weten wie jullie zijn); dankjewel, ik zal jullie nooit kunnen terugbetalen voor alle moeite en tijd maar ik ben zo enorm dankbaar. Het wordt iedere keer langzaamaan wat makkelijker en jullie geven niet op. En op mijn goede dagen ben ik met alle liefde jullie vangnet, zelfs op mijn slechte dagen maar dan zal het wat moeizamer gaan.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.