Het ‘Wat nou als’-gevoel

Of ik angstig ben aangelegd, vraagt de behandelaar van instantie Y aan de telefoon. Ik vouw mijn voeten onder mijn stoel terwijl ik nadenk over de vraag. Toen ik een week geleden belde om een afspraak voor de telefonische intake te plannen, waarbij ze bepalen of er grond is voor een intake, bleken ze alleen onder werktijd te kunnen. Gelukkig was het geen probleem – op mijn werk weten ze van mijn problematiek – dus zit ik nu in een kantoortje aan de telefoon in vogelvlucht door mijn problematiek heen te gaan.

‘Angstig’, zeg ik, ‘nee, dat valt wel mee. Wel wat angsten die verbonden zijn aan de eetstoornis, maar daarbuiten niet echt.’ Terwijl we doorpraten, en daarna, blijft de vraag een beetje hangen. Ik ben geen angstig persoon, nee. Vroeger was ik bang voor naalden, maar die angst heb ik tijdens het wekelijkse bloedprikken tijdens mijn opname overwonnen. Spinnen en andere kriebelbeestjes vind ik niet fijn, maar ik verstijf er niet van, en ik word niet nerveus van hoogtes, vliegen, het aangaan van relaties of de kans dat er een bus over me heen rijdt als ik niet oppas met oversteken. Ik begrijp angstige mensen en wil hun gevoelens geenszins bagatelliseren, maar zelf heb ik er niet zoveel last van.

Op één ding na. Soms word ik overvallen door een flink ‘Wat nou als’-gevoel. Wat nou als ze je niet mogen? Wat nou als mensen eigenlijk maar doen alsof ze vinden dat je goed schrijft? Wat nou als dit of dat gebeurt? En daar komt dan wél angst bij kijken. Want bij een ‘Wat nou als’-gevoel staat er eigenlijk altijd iets op het spel. Als deze mensen me niet mogen, is dat een probleem, want ik moet met ze samenwerken. Als mensen doen alsof ze vinden dat ik goed schrijf, dan zijn ze én niet eerlijk (maar waarom dan? Waah!) én dan heb ik de verkeerde opleiding gekozen en me voor niets enorm in de schulden gestoken. Schuld, ook zo’n goed onderwerp voor ‘Wat nou als’-gevoelens. Wat nou als ik om wat voor reden dan ook mijn studieschuld ineens niet meer kan betalen? Grond voor wat uitgebreid gepieker.

Dat was de afgelopen week ook weer flink het geval, vanaf het telefoontje naar het secretariaat van instantie Y. De medewerker legde me uit dat het telefonisch aanmeldgesprek bedoeld was om te bepalen of een intake zin had. De wachtlijsten zijn immers best wel lang en het zou voor alle partijen vervelend zijn als je daarop zou staan terwijl van tevoren vastgesteld had kunnen worden dat Y niet de beste plek is voor jou.

En daar gaan we weer. De soundtrack voor de rest van de week was: wat nou als ik volgende week mijn hele verhaal uit de doeken heb gedaan en die behandelaar zegt: ja vrouwke, dat is allemaal leuk en aardig, maar wij kunnen niks voor je doen. Misschien vindt ze wel dat ik me aanstel. Misschien legt ze dan de telefoon neer en grinnikt ze tegen haar collega: ‘Wat ik nou had: een griet die denkt dat dat gerommel van haar een eetstoornis is! Weet ze dan niet wat écht ziek is?’ Want het valt bij mij toch allemaal wel mee? Mijn levensmotto is jarenlang geweest: ik val nog niet dood neer, dus dan is er weinig aan de hand. En soms zit ik nog steeds in die denkfout.

Gelukkig bleek mijn koppige kop het weer mis te hebben. Na een gesprek van twintig minuten zegt de behandelaar: ‘Als ik dit zo hoor, dan denk ik dat je naar ons moet komen. Dus ik zet je op de wachtlijst voor een intakedag.’ Dat luidde het volgende ‘Wat nou als’-gevoel in: wat nou als ik een heel intensieve behandeling moet? Durf ik dat? Gelukkig heb ik nog een week of zes à acht om daarover na te denken.

2 Comments

  1. Pfoeh! Ik weet nog dat ik, begin 2016, in mijn agenda schreef: “Over twee weken moet ik voor het eerst naar de psychiater. Wat nou als ze vindt dat ik helemaal voor niks kom?” Nu, twee jaar later, zit ik nog steeds bij haar onder behandeling en ben ik nog absoluut niet klaar. Zo apart, die gedachten altijd. Vind het supergoed dat je het traject weer ingaat. <3 xx
    Rivka onlangs geplaatst…Zingen is het middel, niet het doelMy Profile

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.