vrouw met mondkapje

Mondkapjesstress

Toen er in verband met de coronacrisis berichten kwamen over het verplichte mondkapje in het OV, veroorzaakte dat veel spanning in mijn binnenwereld. Het riep weerstand op, angst, boosheid, verdriet en schaamte. Want dan val je op en dat is nu net wat we niet willen. Onzichtbaar zijn is het veiligst. Dat in de bus iedereen zo’n kapje draagt, was geen helpende gedachte. Ook werd ik geconfronteerd met het feit dat ik geen rijbewijs heb en dat voelt als falen…

Uiteindelijk heb ik via internet een setje van die kapjes besteld met een hippe kleur roze, zodat het ook nog matcht met mijn bril. Roze is ook een echte meisjeskleur, dus de jongere delen zijn ook weer blij, toch? Maar nee, dat waren ze niet. Dat bleek wel tijdens het oefenen in mijn eigen woonkamer. Het triggerde namelijk het misbruik en zorgde voor grote paniek. Dat is voor mij dan weer extra confronterend. Want ja, dan is het toch echt waar wat er gebeurd is en dat zorgt wederom voor paniek.

De eerste keer oefenen thuis hield ik me niet aan mijn afspraak om het eerst maar vijf minuten te doen. Zoals gebruikelijk legde ik de lat weer te hoog. Dat is ergens voor mijn binnenwereld ook een trigger, dus niet helpend en met nog meer weerstand als gevolg. Therapie werd dus weer een belafpraak. Want als er zoveel paniek is dan werkt het alleen maar averechts. Daar was mijn behandelaar het wel mee eens.

Vervolgens heb ik het oefenen eerst een week maar gelaten voor wat het was. Later heb ik heb opgepakt en me door de kookwekker te zetten aan de vijf minuten gehouden. Tegen mijn delen heb ik gezegd dat ze naar hun veilige plek mochten gaan of konden gaan slapen.

Dit hielp deels, maar niet genoeg. Dus de volgende dag bedacht ik me dat ik een kauwgumpje in mijn mond kon doen. Dat hielp en zo konden we het tien minuten volgehouden. De volgende dag heb ik twee keer tien minuten geoefend.

Uiteindelijk het in de bus twee keer dertig minuten volgehouden. Ik stond bij de bushalte te trillen op mijn benen, maar had mijn plan goed voorbereid. Ik had een kleine knuffel in mijn jaszak en op mijn hand had ik geschreven dat het nu 2020 is, en dus veilig. Mijn tangle had ik bij de hand en ik dus kauwgumpje in mijn mond. Gelukkig hadden mijn beschermengelen nog een teken van vertrouwen gestuurd, we zagen namelijk een wit veertje over straat dwarrelen. 

In de bus konden we op onze vertrouwde plek zitten en heb ik mijn discman met muziek er bij gepakt. Er was nog steeds angst, mijn benen waren erg onrustig, maar ik hoefde gelukkig niet te schokken met mijn armen. Ondanks de angst had ik alles redelijk onder controle. De therapie was gelukkig helpend, we konden erover vertellen en er was zelfs ruimte om te huilen.

Ondanks alle strijd vooraf is het dus vorige week gelukt om met mondkapje te reizen in de bus. Iets om trots op te zijn, het is een schouderklopje waard. Wel meer dan een, want elk deel heeft zijn/haar best gedaan. Voor zichzelf of om de ander te helpen en mij, als volwassen vrouw.