Mijn gevoelige gezin

Mijn man en ik zijn beiden wat je noemt flinke persoonlijkheden. Dat is niet altijd makkelijk, eigenlijk is dat over het algemeen gewoon knap lastig. Zoals je zou kunnen verwachten zijn onze kinderen niet minder aanwezig. Ons huis is met vier personen dus aardig vol. Dat bleek al vroeg. Op het consultatiebureau noemen ze dat liefkozend: temperamentvol. Bij onze zoon was dat overduidelijk, hoewel hij ook medische redenen had dat hij een huilbaby was, liet hij ook al heel goed merken als iets hem dwars zat. Onze dochter was wat tevredener, maar die verdacht ik al heel erg vroeg van het plannen van bepaalde tactieken. En eigenlijk wordt dat in de loop der jaren alleen maar duidelijker. Maar als ze het op die manier niet voor elkaar krijgt is de frustratie enorm. Dat plannen van dochterlief heeft ze van papa. Zoonlief heeft meer de creatieve, impulsieve insteek van mij. Dat dat een uitdagende combinatie is hebben mijn man en ik al bewezen, maar onze kids doen het nog eens dunnetjes over.

Nou zijn mijn man en ik beiden psychisch vastgelopen. Gezien het erfelijke deel van de karakters en de onvoorspelbaarheid in huis maak ik me regelmatig zorgen over de toekomst van onze schatten. Ik geloof absoluut dat we het voordeel hebben dat we bekend zijn met onze problematiek. Maar dat maakt het ook meteen een valkuil, want maak ik het voor de kinderen juist niet te groot? Hoe dan ook heb ik het niet allemaal in de hand. Ik kan alleen rekening houden met wat ik weet.

Wat ik weet is dat het al dan niet reguleren van mijn emoties mijn persoonlijkheid dermate heeft beïnvloed, dat ik er niet zelfstandig mee kan functioneren in de huidige maatschappij. Ik weet dat een deel van die persoonlijkheid mede gevormd is door mijn ouders. En door hoe zij in het leven stonden destijds. Dat is zeker geen verwijt, maar een vaststelling wat mij betreft. Ik denk ook dat hun karakter in de basis best temperamentvol is, maar dat hen vooral maar geleerd is dat klein te houden. Dat is deels ook wat ze hebben doorgegeven aan mij. En dat is ook wel goed, het leren reguleren van emoties. Maar ik heb sterk het vermoeden dat het niet in verhouding stond tot de grootte van ons temperament. Ik vind het zelf ook heel lastig te bepalen wanneer ik mijn kinderen moet laten gaan en wanneer het tijd is om ze te leren hun emoties in de hand te houden.

Daar komt bij dat een aantal bij ons in de familie behoorlijk gevoelig zijn, dus dat we ook snel last hebben van prikkels. En bij het uiten van grote emoties komen nogal wat prikkels vrij. Of het nou is qua geluid of optisch. En dan moet de ontvanger van die prikkels ook nog eens interpeteren of hij of zij zich aangesproken moet voelen. Ik voel me instinctief wel aangesproken. Dat zal ongetwijfeld met mijn trauma te maken hebben. Inmiddels heb ik met medicatie geleerd minder impulsief te zijn, dus ik spring vanuit dat instinct niet meer bovenop alle emoties. Maar alles komt nog steeds wel sterk binnen. Dus het kost me nog steeds veel energie.

Bij mijn man komt die gevoeligheid voor prikkels door autisme. Hij compenseert veel met intelligentie. En ook bij prikkelverwerking leert hij slimmere oplossingen te kiezen dan het aan te laten komen op een emotionele uitbarsting. Maar ook dat kost bakken met energie. En eigenlijk vind ik dat eeuwig zonde van zijn verstand. Als hij nou die energie eens kon besteden aan zijn talent in plaats van prikkelverwerking en omgaan met de sociale (voor hem) onlogica van het dagelijks leven… Ik denk dat de wereld een gigantisch tactisch talent rijker zou zijn, maar dat is natuurlijk mijn persoonlijke mening. Het mag niet zo zijn, om vooruit te komen in deze wereld ontkom je niet aan sociale contacten. En ik zeg niet dat hij het niet kan, het kost hem alleen gewoon veel te veel.

Ik hoop dat onze kinderen net genoeg van alles mee krijgen om vooral te kunnen genieten van hun talenten. De tijd zal het leren. Misschien zijn ze nog net te vroeg om te kunnen profiteren van de huidige GGZ-revolutie (zoals ik het persoonlijk zie). Maar misschien heeft de combinatie van onze families juist door onze passie en gevoeligheden al net genoeg ontwikkeling meegekregen om ze gelukkig te leren leven in deze overprikkelde wereld.

Misschien ben ik gigantisch aan het projecteren. En misschien zie ik het totaal verkeerd. Maar ik moet er wel in geloven dat het ze beter zal gaan, dat we generatie na generatie werken aan een betere toekomst. Want ik kan en wil geen spijt hebben dat ik het leven heb mogen schenken aan onze twee kanjers. En dat is wel wat ik denk als ik erbij stil sta dat ze mogelijk mentaal zo gaan lijden als hun moeder. Dat gun ik niemand. Ik leef met een allesoverheersende onzichtbare pijn, terwijl ik ook zo verschrikkelijk veel liefde voor ze voel en zo ontzettend dankbaar ben dat ze er zijn! Ergens valt dat niet te rijmen met elkaar. De liefde zou altijd sterker moeten zijn dan de pijn, want niks is zo belangrijk als de liefde. Ik hoop dat ik die overgang nog mee mag gaan maken. Ik werk er in ieder geval hard aan.

2 Comments

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.