Maar ben ik dan een narcist?

Maar ben ik dan een narcist?

Tijdens mijn eerste kennismaking met de psychiater van de volwassenenafdeling had hij al snel wat diagnoses verzameld. Naast andere diagnoses waren dat ook trekken van een narcistische persoonlijkheids-stoornis. Gelijk gingen alle alarm-bellen in mijn hoofd af. Ben ik een narcist? Ik was achterdochtig; dit klopte toch niet? Ik dacht dat hij dit zei als straf omdat ik in ons gesprek voor mezelf was opgekomen. 

Alles wat ik wist over narcisme ging in mijn hoofd voorbij. Ik dacht eigenlijk gelijk aan mensen die vaak bij deze stoornis genoemd werden, negatieve berichten uit de media. Daarna ging ik weer terug naar mezelf. Ik voelde mij toch niet beter dan anderen? Vond ik dat ik een speciale behandeling behoorde te krijgen? Me inleven lukte toch wel? Ik werd ontzettend onzeker en hoezeer ik mij verbaal ook afzette tegen wat er gezegd was, in mijn hoofd voelde ik mij gekrenkt.

Een narcistische persoonlijkheidsstoornis, ik voelde mij wel én niet gehoord in deze diagnose. Het heeft lang geduurd voordat ik na durfde te vragen wat deze diagnose voor mij betekent en waarom ze dit bij mij zien. Mijn therapeut legde uit dat mijn ouders mij waarschijnlijk niet gegeven hebben wat ik echt nodig had. Ik had liefde nodig, maar ze konden dat moeilijk uiten en juist daarom deed ik alsof ik het niet nodig had. Als ik op school iets behaalde, kreeg ik die waardering van mijn ouders wel. Ik merkte dat ik liefde kreeg als ik liet zien dat ik ergens goed in was. Ik ging mezelf opblazen en was heel ambitieus. Nog steeds voelt het alsof prestatie, zoals school, het enige is wat een juist gevoel van waardering geeft.

Ik ben veel bezig met de ideale buitenkant, goed willen zijn in dingen. Ook heb ik enorme faalangst, doordat ik bang ben dat iedereen om mij heen het beter doet. Ik ben vaak zoveel met mijzelf bezig dat ik anderen grotendeels uit het oog verlies. De buitenkant hooghouden en zodra niemand kijkt de binnenkant afbreken, kost zoveel tijd dat ik geen tijd heb voor de andere mensen om mij heen. Ik vergeet te vragen naar vriendinnen, ik vergeet de sociale contacten op werk of op school. In het verleden kreeg ik wel eens te horen dat ik egoïstisch was. Dat vond ik vaak lastig omdat ik het niet expres doe. Minderwaardigheid is een gevoel wat extreem aanwezig is in mij, maar zodra anderen dat benadrukken blaas ik mijzelf op.

Ik ben geen narcist die denkt dat zij beter is dan anderen. Ik denk niet dat ik een andere behandeling moet krijgen, ik denk niet dat ik speciaal ben. Als ik de passende symptomen bij de stoornis vertoon, ben ik eigenlijk onwijs bang.

Het is pijnlijk om toe te geven. Ik ben gekrenkt, ik verwacht heel veel van mijzelf. Ik denk constant dat ik beter kan, ik schat mijzelf hoger in en ik verwacht dat mijn verwachtingen uitkomen. Ik ben zo druk met mezelf bezig in mijn hoofd en met zorgen dat ik het goed doe, dat ik de mensen het dichtstbij uit het oog verlies en niet de aandacht geef die zij verdienen.

Maar eigenlijk ben ik niet de vooroordelen die de stoornis met zich meebrengen. Ik ben niet het beeld van ‘de narcist’ en ik denk ook niet dat ‘de narcist’ bestaat.


Lees ook: waarom een narcist geen slecht mens is: mythes over antisociale persoonlijkheidsstoornissen ontkracht

Bekijk de laatste blogs over Narcisme: