dokter

Lieve dokter, ik ben er wél

Lieve dokter, weet u nog dat ik bij u op uw kantoor zat een paar dagen nadat ik mezelf verloren was? Ik dissocieerde en had mezelf pijn gedaan. U vroeg hoe het nu met me ging en we praatten. Ik vertelde u dat ik in een traject zit voor euthanasie, omdat ik niet meer weet hoe ik met mezelf leven moet. Ik vertelde u dat het niet zo was dat ik niks meer wilde proberen, maar wel dat ik niet meer kon.

Weet u nog dat u tegen mij zei dat het wel weer goed kwam? U zei dat ik gewoon volwassen moest worden. Dat u een traject voor euthanasie een heel slecht idee vond en dat ik ooit wel over deze periode heen zou groeien. U zei dat ik vol moest houden. Dat het ooit beter zou worden. U wilde mijn psychiater bellen en met haar overleggen.

Ik was zo boos op u. Ik was zo boos dat u me zei dat het vanzelf wel beter zou worden en dat ik gewoon niet op moest geven. Ik vroeg u hoe lang ik dan vol moest houden. Ik vroeg of ik, als ik 83 jaar oud zou zijn en het dan nog niet beter zou zijn, wel mocht stoppen. Ik vroeg u of ik maar gewoon net zolang moest blijven leven totdat ik een natuurlijke dood zou sterven. Zelfs als mijn leven zo zou blijven en ik me zo zou blijven voelen.

Ik was zo boos, maar er kwam niet veel uit mij. Ik was vooral verdrietig en zo eenzaam. Ik wil graag controle hebben over mijn eigen leven, zoals ieder mens dat wil. Het idee dat er een mogelijkheid is voor euthanasie, geeft me hoop. Het idee dat ik niet mezelf wat aan hoef te doen als ik niet meer kan, alles geprobeerd is en het niet meer beter worden kan. Ik wil niemand traumatiseren, doordat ik niet meer leven kon. Ik wil juist dat niemand meer last van mij heeft. Ik wil mijn ouders en zusje de kans geven afscheid van mij te kunnen nemen. Ik wil zoveel mogelijk vragen voor hen beantwoorden.

Ik weet dat ik hun pijn en verdriet nooit zou kunnen voorkomen. Ik weet dat ik het nooit goed genoeg zou kunnen doen. Maar ik zou zo graag de kans hebben om het zo goed mogelijk te kunnen doen, voor de mensen die van mij houden en om mij geven. U wilde niet met mij praten over euthanasie. U wilde en kon niet horen en geloven dat dit meisje van 20 jaar tegenover u niet meer kon leven.

U hoefde er ook niet met mij over te praten, dat verwachte ik ook niet van u. Voor die gesprekken had ik mijn psychiater. Ik hoefde ook niet uw goedkeuring of uw steun en begrip, omdat ik euthanasie wil. Ik snapte u, ik luisterde naar u en ik begreep u. Ik begrijp dat het vreselijk moet zijn als er een meisje tegenover je zit dat niet meer weet hoe ze leven kan. Ik begrijp dat u dat niet accepteren kon. Dat u niets liever wilde op dat moment dan dat ik weer gelukkig zou kunnen zijn. Dat u er ook van overtuigd was op dat moment, dat dit ook mogelijk is.

Ik hoorde u en luisterde naar u, maar u niet naar mij. U nam mij niet serieus. Dat kon u niet. U noemde me onvolwassen, maar wat is dat, onvolwassenheid, en is onvolwassenheid iets slechts? Ik denk dat ik ergens graag had gewild dat ik inderdaad onvolwassen was en nog kind had kunnen zijn, maar ik begreep niet waarom dat wat voor u zogenaamd ‘onvolwassenheid’ was, het opeens anders zou maken. Iemands beleving staat los van leeftijd. Niemand kan iets zeggen over hoe iets voor iemand is, niemand kan zeggen hoe iets voor iemand voelt behalve de persoon zelf. Mijn leeftijd deed er in dat opzicht niet toe.

Ik denk dat u probeerde te zeggen dat mijn hersenen nog niet volgroeid zijn. Dat u had willen zeggen dat ik ‘ziek’ ben en dus volgens u niet in staat zou zijn om een verstandige en weloverwogen keuze te maken. Dat u wilde zeggen dat u het vreselijk vindt en het voor uzelf niet zou kunnen accepteren als ik er niet meer zou zijn. In plaats daarvan noemde u mij onvolwassen.

Op een bepaalde manier had u gelijk. Ik moet inderdaad volwassen worden, maar niet elk deel van mij. Ik ben volwassen. Ik was al volwassen toen ik nog een kind was. Ik heb een heel groot deel van mijn jeugd gemist. Ik ben het meisje dat al jaren volwassen is, maar een deel van mij is bevroren in de tijd. Een deel van mij is nog steeds het kleine meisje dat ik was toen het gebeurde. Het meisje van 11 jaar dat doodsbang is, maar overleefd heeft. Het meisje voor wie het nog elke dag voelt als of ze overleven moet. Weer een ander deel van mij is nog steeds het meisje van 16 of 12 of 13… Ik ben volwassen en op vele gebieden heel erg veel verder qua ontwikkeling dan de meeste volwassenen. Daarnaast is mijn mensenkennis, zelfkennis en levenservaring ook veel groter dan die van menig volwassene.

Lieve dokter, ik ben getraumatiseerd. Ik ben niet wilsonbekwaam of onvolwassen, ik ben gefragmenteerd. Ik leef nu, maar delen van mij zitten vast in toen. Ik ben in staat om beredeneerde keuzes te maken. Ik ben gezond. Ik zat tegenover u. Het meisje van nu. Het meisje dat zo graag de controle terug wil over het leven dat van mij zou moeten zijn. De ik die vanaf dat ze 11 jaar oud was zichzelf niet heeft kunnen beschermen. De ik die moest ondergaan wat een ander mij aandeed en voor mij besloot, jarenlang. De ik die machteloos was. Het meisje wat zo wanhopig graag vrij wil zijn, om nu te mogen en kunnen kiezen.

Lieve dokter, de delen van mij die vast zitten in de tijd zullen nooit volwassen worden, als ze niet ook voor vol worden aangezien. Ze kunnen niet volwassen worden als er telkens geen keuze mag zijn. Ik was bang. Ik was verdrietig. Ik was wanhopig. Ik voelde me zo alleen en niet gezien. Ik voelde me weer machteloos, net als toen. Ik kon u dit niet zeggen en niet uitleggen.

Ik zat tegenover u in uw kantoor. U zag het meisje van 11 jaar oud. U hoefde niet te zeggen dat u achter mijn keuze stond voor een traject voor euthanasie. U hoefde geen begrip te hebben en me niet hierin te steunen, maar ik verdiende niet uw afkeuring.

U zag mij niet, maar ik zag u wel. Ik weet dat u de dingen zei die u zei, omdat u mij en mijn leven te waardevol vindt om te laten gaan. Het deed zoveel pijn dat u mij niet zag en niet erkende. Maar ik ben dankbaar dat u mij waardevol vindt.

Lees ook:

  • meisje dat op bed zit

    Vandaag ben ik weer opgenomen, een opname waar ik al maanden op heb gewacht. Dit is mijn tweede opname in deze kliniek, en inmiddels is dit al mijn zesde opname. Dus ik mag het van…

  • Nergens veilig

    In deze blog wordt o.a. gesproken over suïcide. Heb je zelf suïcidale gedachten en behoefte aan een gesprek? Dit kan bij 113. Ik voel mij nergens veilig, nooit. Nooit gedaan ook trouwens. Toch hoor ik…

  • Een jaar geleden

    Morgen is het 4 december. De dag waar ik al een aantal weken naar toe aan het leven ben, en nee niet op een positieve manier. Ik voel spanning als ik denk aan deze datum,…

9 reacties

  1. Het maakte me even stil.

    Het is herkenbaar hoe je schrijft dat de andere delen nooit ouder worden. En dat invalidatie niet alleen voor jou, maar ook voor de andere delen gewoon niet goed voelt.

    IK heb zelf DIS. Het is een beetje zoals complexe PTSS met delen/dissociatie, maar net iets anders in een manier dat mij niet belangrijk lijkt.

    Dankje dat je dit geschreven hebt! Het is ook zeer moedig.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Ik wil linken naar een blog van mijn eigen website:

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.