meisje en hond

Laatmaarzittenvandaag-dag

Vandaag lijkt op gisteren en morgen op vandaag. Iedere dag is hetzelfde. ‘s Morgens om kwart over negen bij het stoplicht met de hond, dan door naar de andere kant van het park, daar drie kwartier spelen met andere honden in de buurt, dan naar huis, ontbijt maken, tv aan en tekenfilms kijken.

Ergens zo rond twee uur val ik in slaap van saaiheid, lunch sla ik aardig over, want pas om elf uur ontbeten, om een uur of half vijf wil de hond weer een plasje doen, dus naar buiten. Naar binnen, meer tv kijken, wat eten maken of toch maar een boterham ontdooien, meer tv tot het eindelijk tijd is om naar bed te gaan.

Ik weet amper meer welke dag het is, enkel op basis van wat er die avond op tv is, kan ik er nog iets van maken. En nee. Ik ben niet aan het klagen. Ik besef heel goed dat wat ik heb geen absoluut first world problem is. Ik heb een dak boven mijn hoofd, een inkomen, stromend water, voldoende te eten, toegang tot allerlei gezondheidszorg en andere dingen. Maar toch, ik merk dat ik het zwaar vind worden, dat social distancing. Het vele alleen zijn.

Oude angsten komen langzaam weer wat boven drijven. Op de eerste mooie dag in een t-shirt naar buiten en meteen een angstaanval krijgen in het park terwijl ik met de hond een rondje wandel. Ik voel me naakt. Thuis duik ik maar weer voor de tv om alles te dempen. Kastje kijken. Niets voelen. Dan is er ook niets aan de hand.

En zo verandert de ene dag in de andere. Alle ritme die ik had met de dingen buitenshuis zijn gestopt. Geen dansschool. Geen yoga. Geen borrel op de vrijdag. Allemaal niet. De zaterdag en de zondag onderscheid ik doordat er dan een ander programma op de tekenfilmseriezender is dan op maandag tot en met vrijdag. Ik weet dat er was in de wasmand ligt die gewassen moet worden, dat er was hangt die in de kast moet.

Kan morgen ook nog wel. Net zoals die vaatwasser uitruimen. De stofzuiger. De keuken poetsen, de badkamer. Kan allemaal morgen wel. Net zoals een blog schrijven. De belastingaangifte. Er is geen enkel voordeel aan het vandaag doen van die klussen. De enige die er eventueel last van heeft, is ikzelf. Er komt toch geen bezoek. Als ik met iemand beeldbel, zorg ik wel dat de zooi niet zichtbaar op het scherm is.

Inmiddels zie ik de ‘coronalaatmaar’ bij meer mensen om me heen. Vooral in het park wordt het aandeel normale kleding kleiner en het aandeel joggingbroeken – al dan niet met gaten en vlekken – met de dag groter. Lange haren niet meer leuk en gezellig, een knot bovenop om het uit het gezicht te houden, is meer dan zat. Make-up? Als het er al is, is het niet meer dan een veeg mascara.

Alles maar wat laten versloffen voelt eigenlijk best veilig. Ik hoef me nergens druk om te maken en zolang ik niets doe, kan ik ook nergens controle over kwijtraken. Doe ik wel wat, dan wil ik alles in de hand houden. Gisteren heb ik na het koken vier keer gecheckt of ik het gas wel uit had gedaan. Vandaag heb maar ik weer een boterham gegeten, hoef ik dat gas checken ieder geval niet meer te doen.

En zo gaan we verder. April gaat voorbij, daarna zien we het wel weer. Langzaam verruil ik mijn joggingbroeken met grote truien voor afgeknipte pyjamabroeken en t-shirts. Sokken en pantoffels worden slippers. De zomer komt langzaam dichterbij, de vogeltjes gaan buiten gewoon door met wat ze altijd al doen. Ik heb een soort van nieuw ritme gevonden in dit alles. En als dit voorbij is? Dan zien we het wel weer.

Lees ook:

  • Ik ben hier

    ‘Ik ben hier’, fluister ik zacht, als ik mijn mentale checklist afloop en mijn mantra herinner. De lijst liegt er niet om. Als ik de kans krijg slaap ik tien tot twaalf uur per nacht. Ik heb geen zin om…

Mondkapjes

Als je toch een mondkapje op moet in het OV… dan maar een leuke.

mondkapje triggerwarning

1 reactie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Ik wil linken naar een blog van mijn eigen website:

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.