Jongleren met gevoelens

Een tijdje geleden vroeg mijn psycholoog: “Hoe gaat het met je?” Ik heb die vraag toen min of meer beantwoord en ben snel overgegaan op een ander onderwerp. Afgelopen week heb ik al stilgestaan bij deze vraag en toch merk ik dat ik er nog niet klaar mee ben. Want er is meer, veel meer…

Fysiek gaat het wel redelijk, schreef ik, en zo voelt het ook wel. Ja, er zijn pijntjes en mijn lijf wil niet altijd wat ik wil, maar goed, dat moet ik al jaren accepteren. Of is het eigenlijk dat ik al jaren vind dat ik het maar móet accepteren? Ik ben grootgebracht met het motto ‘Niet lullen maar poetsen’. Niet klagen maar dragen. Stilstaan bij wat ik voel, vind ik best lastig, zowel emotioneel als fysiek. Ik heb wat ik voel al zolang weggestopt, dat het een soort tweede natuur is geworden en ik bewust moet luisteren naar wat ik eigenlijk voel. Wat voel ik fysiek en wat vind ik daarvan en wat voel ik qua emotie en gevoelens en wat vind ik daarvan en wat doe ik ermee? Ik vind het best wel lastig dat ik daar niet zo mee uit de voeten kan als een ander.

Het doet me best wel eens pijn dat een lekkere wandeling door het bos of langs het strand er voor mij niet in zit. Bij het woordje ‘lopen’ of ‘wandelen’ denk ik meteen oh nee hè… Dat associeer ik met moeite en pijn, met niet goed kunnen. Ik vind het lastig dat ik niet lang kan staan, het maakt dat ik me door mijn fysieke problemen minderwaardig voel. Ik voel me een kneusje, afgekeurd, niets waard, niet van toegevoegde waarde en daar kun je niets mee. Mede door de fysieke problemen heb ik overgewicht. Als ik in de spiegel kijk heb ik moeite met mijn lijf. Tsja, en dat raakt best aan een stuk emotionele bagage. Al jaren is er het gevoel van er niet toe doen, het gevoel van dik en lelijk zijn…

En dan kom ik bij het emotie-eten. Momenteel vind ik het best lastig om daar sterk in te zijn. Ik heb het gevoel dat ik ergens midden in een orkaan alleen staande moet blijven. Alles rukt en trekt aan me. Mijn psychiatrisch hulpverleenster komt door corona niet meer hier en we spreken elkaar telefonisch. Dat maakt dat het voor mij voelt alsof ik er weer alleen voor sta. Ik voel me in de steek gelaten, al is dat niet zo. Ze belt me om de week hoe het gaat. Het was en is al zwaar om gewoon in de dagelijkse stormen staande te blijven, maar nu gaan er orkaankrachten tekeer buiten en binnen in me. Het voelt niet genoeg dat ik haar alleen maar door de telefoon spreek. Ik bouw onbewust weer afstand in. Het praten en samen kijken naar wat maakt dat het weer moeilijker gaat met het snaaien en de kast in duiken, is anders door de telefoon. Ik zie haar niet, ik zie en voel niet of ze mijn worsteling begrijpt. Ik hoor haar wel en ze zegt wel het juiste, maar wat voor mij belangrijker is: ik voel haar aanwezigheid niet.

In gedachten ben ik haar aan het loslaten, omdat deze manier van hulpverlenen voor mij niet werkt. In gedachten ben ik bang dat ik langzamerhand weer terug bij af ben en dat is iets waar best bang voor ben. Bang dat ik me letterlijk kapot ga eten, bang dat ik niet kan stoppen met deze eetverslaving, want zo voelt het. Ik weet dat ik overgewicht heb, ik weet dat dat mede komt door mijn manier van eten (snaaien) als het emotioneel zwaar is. En dat is het nu, het is heel emotioneel heel zwaar. Door de corona-toestand, door het onderwerp waar ik met mijn psycholoog mee bezig ben, doordat er zoveel tegelijk is nu wat roept om aandacht en vanbinnen pijn doet.

Mijn overgewicht maakt het voor mijn lijf niet makkelijker om goed te functioneren, naast de beperkingen die een chronische ziekte en slijtage in rug en knieën al met zich mee brengen. Mijn overgewicht maakt dat ik heel kritisch kijk naar mijn uiterlijk. Ergens walg ik van mijn lijf, haat ik het dat ik niet sterker ben qua emotie-eten zodat ik slanker kan worden. Als ik slanker ben, pas ik beter in het beeld van de maatschappij, dan mag ik er misschien bij horen, misschien word ik dan gezien en tel ik dan mee. Weer voel ik me het kneusje, minderwaardig en zo gaan de negatieve gedachten weer in een kringetje rond. En ga ik mezelf ‘troosten’ met eten, om vervolgens weer te balen dat ik niet sterker ben. Ik bedenk zelf excuses en smoezen, want ‘het is moeilijk en zwaar dus een beetje troost moet kunnen’… Ik voel me zo’n slappeling dat ik mijn gedrag niet onder controle kan houden. Ik weet toch hoe verkeerd het is, ik zie mijn lijf toch dikker en lelijker worden? Waarom doe ik het dan toch? Waarom kan ik er niet mee stoppen?

Het slapen gaat al jaren slecht, ik weet niet beter dan dat ik als kind al slecht sliep. Midden in de nacht word ik wakker en kan ik niet zomaar weer slapen. Mijn hoofd gaat aan als mijn ogen open gaan. Allerlei gedachten houden me bezig, domme dingen als boodschappen doen… Het voelt alsof ik alert moet zijn, ik sta meteen in de ‘waakstand’. Alsof iets in mij bang is om te gaan slapen, want als ik slaap ben ik de controle kwijt, weet ik niet wat er gebeurt. 

Al jaren heb ik het gevoel dat ik aan het jongleren ben en elke keer als ik denk ‘oh, ik heb een bal minder’, komen er weer nieuwe ballen bij, ballen die groter en lastiger zijn dan de rest. De ‘corona-bal’ is een lastige bal, een bal met veel rare uitsteeksels en pijnlijke punten. De ‘corona-bal’ raakt me knetterhard in het gemis van liefde, aandacht en zorg in mijn jeugd. Dat is een harde confrontatie, want juist met dat stuk ben ik nu met mijn psycholoog bezig. Het raakt heel hard aan het verlangen om aangeraakt en getroost te worden, en dat mag niet. Onbewust is de ‘bal zelfmoord’ weer in het spel gekomen, een bal die ik dacht ik weggelegd te hebben. Een bal waarvan ik vond dat die niet meer mee mocht doen. Wie heeft die bal weer in het spel gebracht? Oh jee, dat was ik zelf. Voorlopig jongleer ik nog maar even door, de ‘zelfmoordbal’ moet zo snel mogelijk weer uit het spel, vind ik. Dat is een ongewenste bal, toch?

‘Hoe gaat het met me?’ Een lastige en ingewikkelde vraag… Dus zeg ik maar “het gaat wel”, maar ondertussen hoop ik stiekem dat je het antwoord echt wilt weten. Dat je verder zult vragen en kijken. Hoop ik dat het je echt interesseert hoe het met mij gaat. En hoop ik diep vanbinnen dat je me wilt helpen met jongleren! 

Lees ook:

  • handen

    Ineens is mijn leven anders. We moeten zoveel mogelijk thuisblijven en niet met anderen samenkomen. De kerk, de bibliotheek, en zoveel andere sociale plekken zitten allemaal dicht. Mijn beperkte sociale contacten worden nog beperkter en mijn isolement groter. Ik merk…

Kijk voor tips om om te gaan met psychische klachten ook eens op psyche.tips

lees meer