Intrusies

Ze komen zo ineens omhoog, als een vervelende pop-up advertentie op m’n telefoon. Spring, daar is ie dan! Een vervelende gedachte in mijn brein. Ik probeer wel op het kruisje te drukken, maar de gedachte gaat niet weg. Of nou ja, hij komt eigenlijk elke keer weer terug. In het begin deed ik er niks mee. Het is gewoon maar een nare gedachte, toch? Maar ze komen steeds vaker. En ik word er eerlijk gezegd best bang van. Want ik wil die gedachten helemaal niet hebben, ik wil die beelden helemaal niet zien.

Ik heb last van intrusies. Zo heten die vervelende gedachten die bij mij, en vele anderen, als pop-up reclames op je telefoon omhoog komen. Je hebt ze over veel verschillende onderwerpen. De een krijgt de gedachte dat hij wel eens hard tegen een hond zou kunnen trappen. De ander ziet zichzelf seks hebben met bijvoorbeeld zijn baas of zijn oma. Weer een ander bedenkt zich dat hij midden op de snelweg ineens heel hard op de rem kan trappen. In mijn geval heb ik vaak intrusies over mezelf verwonden/vermoorden. Ik zie me mezelf vaak gruwelijke dingen aandoen.

Het hele ding met intrusies is, je wíl die dingen niet uitvoeren. Je brein zegt alleen dat het kan. De meeste mensen besteden niet veel aandacht aan die gedachten. Maar sommige mensen, net zoals ik, worden bang voor die gedachten. En gaan dingen ontwijken die met die gedachten te maken hebben. Ik durf nu bijvoorbeeld niet echt meer stil te zitten. Ik ben bang dat dat die intrusies omhoog komen zodra ik niet bezig ben met iets of afleiding heb. Ik ben letterlijk mijn eigen gevoel aan het ontwijken. Ik weet dat dat niet helpt, want als je zegt: ‘denk niet aan de roze olifant’, dan denk je juist aan de roze olifant. Dus ik als tegen mezelf zeg: ‘denk niet aan die intrusies’, dan komen ze juist omhoog.

Maar je hoeft er niet mee te blijven zitten. Er zijn dingen die je kunnen helpen! Een voorbeeld daarvan is tegen jezelf zeggen: ‘het is maar een intrusie, niet meer dan een gedachte, ik hoef er dus niks mee.’ Of, ‘oh hallo intrusie, daar ben je weer’. Je hoeft die nare gedachte namelijk geen (grote) ruimte te geven in je hoofd. Je hoeft hem alleen maar waar te nemen en daarna weer te laten gaan. Natuurlijk is dat makkelijker gezegd dan gedaan, maar wie weet helpt het. Ik ga het in ieder geval proberen.

Ook zin gekregen om te schrijven? Stuur een blog in naar dsmmeisjes!