Ik zink

Ik kijk op de klok. Het is nog maar 10 uur ‘s ochtends. De dag die voor me ligt lijkt een eindeloze marteling. De pijn die ik voel is jammerend en intens. Ik sop de koelkast, de douche, de wc, de keuken. Ik doe de was. Ik zorg dat ik bezig blijf. Zodra ik stop, val ik ten prooi aan die intense wanhoop.

Ik liep naar huis vanaf het station, bij gebrek aan een fiets. Drie zware tassen in mijn handen, hardwerkende spieren bij elke stap. Ik vond het oké. Ook dat leidde me af. In mijn hoofd raasde alles. Ik bedacht dat ik zou moeten werken of studeren. Toen bedacht ik dat dat niet lukt. Ik heb het geprobeerd, lang zelfs. Maar het ging echt niet. Rust bleek de enige optie. Die nam ik vervolgens en dat hielp enorm. Ik ging zienderogen vooruit. Dat zag ik zelf heus ook wel.

In mijn hoofd scrolde ik tijdens de wandeling toch door mogelijke studies en werk. De leukste banen en universiteiten verschenen op mijn netvlies, maar het liet me walgen. Ik voelde extreme weerzin. Weerzin jegens mezelf, alles wat ik niet doe, alles wat ik zou kunnen doen. Het voelde als een steen op mijn maag. Alsof ik letterlijk ziek werd van nadenken over het bestaan.

Daarna volgde de schaamte. De schaamte voor de weerzin. Ik ben intelligent, lichamelijk grotendeels gezond, heb veel meer energie gekregen dan ik had. Ik heb zo lang gedroomd om weer dingen te kunnen doen. “Als ik weer meer energie heb, dan ligt de wereld aan mijn voeten,” dacht ik altijd. Dan zou ik vol samengebalde, passievolle, vurige energie aan de start staan. Klaar om te leven.

Vandaag is zo’n dag. Ik zou mijn leven kunnen doen kantelen. Ik zou me kunnen verheugen op alles wat nog voor me in het verschiet ligt. Oriënteren op studies en banen, die ik nu nog niet aankan, maar in de toekomst wel. Ik zou zin kunnen hebben in de leuke uitdagingen die het me zou kunnen bieden. De mogelijkheden om te leren en te groeien.

Maar ik voel me alsof ik door het ijs ben gezakt. Ik kijk naar boven en zie het zwarte gat waar ik doorheen viel. Ik weet waar ik heen moet zwemmen om me uit het water te kunnen hijsen. Ik weet dat ik een goede zwemmer ben. Ik weet dat ik de kracht heb om mezelf te redden. Maar ik doe niks. Ik verstijf en ik zink en ik red mij niet. Ik voel alleen maar de extreme kou van het water, dat mijn vuur langzaam doet doven.

In theorie heb ik van alles in mijn mars. Ben ik die intelligente, welbespraakte vrouw in wie jij zoveel potentie ziet. Maar in de praktijk kan en wil ik even helemaal niets. Wil ik alleen maar, met al mijn zwaarte, steeds dieper wegzinken.

8 Comments

  1. Au au au. Dit had ik geschreven kunnen hebben, behalve dat soppen van m’n huis dan….

    Ik ben al te prooi gevallen aan gedachten en fysieke meuk nu, en toch denken: baan of misschien toch nog een studie? M’n hersenen weer willen prikkelen, bezig houden. Terwijl een boek lezen al nauwelijks gaat….

    Gewoon veel liefs aan jou

    1. Precies wat je zegt, Lisa! Het willen studeren/ werken is ook niet echt vanuit intrinsieke motivatie bij mij momenteel, meer vanuit ‘dan voldoe ik weer aan de normen van de maatschappij en kan ik mezelf misschien wat minder haten’ of zo…

      Ik heb inderdaad ook al nauwelijks concentratie voor een boek, zit regelmatig nog zodanig in crisis dat studie/ werk ook echt niet zou lukken. En toch…

      Sterkte jij! En liefs terug.

  2. Joz

    Zo herkenbaar. Ik ben een half jaar geleden afgestudeerd, ik zou gaan werken, als laatste kans. Laatste redmiddel. Maar het gaat niet, ik zink en ik kijk toe. Mijn depressie heeft mij al vervangen, ik zelf besta bijna niet meer. Zonder kracht en motivatie overleef ik maar net de dag, werken zit er nog niet in.
    Joz onlangs geplaatst…Je ziet het niet altijdMy Profile

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.