Ik mail je nog wel…

Ken je dat zinnetje “Ik kom er later nog op terug.” Of deze misschien “We zien het wel.” “Als ik tijd heb” is ook zo’n mooie uitspraak. Wat moet ik daarmee. Waar ben ik dan aan toe? Waarom maken we niet gewoon duidelijkere afspraken in plaats van vage beloftes?

“Ik mail je van de week nog wel.” Ik knik instemmend naar de persoon tegenover mij terwijl alle alarmbellen alweer afgaan in mijn hoofd. We hebben net een uur gepraat over mijn brein en alle draadjes die er los zitten, kortsluiting hebben gehad of zijn doorgebrand. We bespraken de nieuw aangelegde verbindingen in mijn warrige brein en alle beschadigingen die niet meer te repareren zijn maar waar je mee moet leren leven. Ik heb nu niet de ruimte en energie om de zin “Ik mail je van de week nog wel” echt tot me door te laten dringen al maakt het mij onbewust wel onrustig.

De dagen verstrijken, ik kijk meerdere keren per dag naar mijn mail maar het bericht waarop ik wacht komt niet binnen. Bij ieder trilgeluidje van mijn telefoon kijk ik of het een melding voor nieuwe mail betreft. Ik log regelmatig in op de website van mijn provider om te kijken of het berichtje wat ik ontvangen wil misschien in hun spamfilter is blijven hangen. Naast mails over vage erfenissen van verre familie in Zuid Amerikaanse landen en meldingen dat ik in aanmerking kom om tonnen met geld te ontvangen omdat ik de zoveel duizendste klant van een onbekend bedrijf ben, zie ik geen mailtje van mijn hulpverlener.

“Ik mail je van de week nog wel.” Hoe vaag kan een belofte zijn? Tellen de weekenddagen dan ook nog mee? Wanneer gaat “de week” in? Zeven dagen vanaf nu of bedoelt ze echt de resterende dagen die deze week nog duurt…. Wanneer ga je informeren of ze het vergeten is?

Ik doe het altijd fout, welke beslissing ik ook neem. Vraag ik het na, krijg ik meestal te horen dat ik ongeduldig ben en dat het bericht er zo snel mogelijk aankomt. Zeg of vraag ik niks en wacht ik netjes af, dan hoor ik achteraf de opmerking “Waarom vroeg je er niet eerder naar? Ik was het vergeten.” “Druk, druk, druk, je kent het wel.” zegt de ander dan. Alsof dat een legitieme reden is om een afspraak niet na te komen.

“Ik mail je nog wel van de week.” Nog twee dagen en de week is voorbij. De ruime week. Omdat ik niet zeker weet of de dag dat we elkaar spraken meetelt in de dagen van  “de week” die zij nodig heeft om te reageren en omdat ik niet weet of de zaterdag en zondag meetellen bij de tijd die ik wachten moet, heb ik de week maar wat extra dagen gegeven. Volgens mijn berekening kan het maximaal tien dagen duren, langer kan echt niet.

Hoe pakken “normale” mensen dit toch aan? Waar ontwikkel je de vaardigheden om zo soepel om te kunnen gaan met onzekerheden en onduidelijkheden. Is het schijn? Doen ze maar alsof het simpel is voor hun? Spelen ze toneel? Voelen zij zich diep van binnen dan misschien net zo ongelukkig met deze afspraken als ik me voel? Als dat zo zou zijn, waarom maken ze dan geen goede afspraken met mij? Als zij net als ik die duidelijkheid, die zekerheid nodig hebben, zouden ze dan niet duidelijkere afspraken maken? Het kan haast niet dat zij zich voelen zoals ik me voel…

“Ik mail je nog wel van de week.” Die week is voorbij… Mag ik nu dan navragen wat de reden is dat ik niks meer heb gehoord…? Voorzichtig klik ik op het plusje in mijn mailprogramma, ik maak een nieuwe mail aan. Ik twijfel wat ik schrijven zal. Ik wil niet wanhopig over komen, ook niet ongeduldig, ook niet onzeker al ben ik het allemaal wel. Zeg je “Goedemorgen” als aanhef of beter “Beste of Geachte”. Hoe stel ik mijn bericht op, hoeveel informatie zet ik erin. Is het duidelijk, moet ik meer details geven om mijn vraag toe te lichten? Wat schrijf ik in de onderwerpregel? Hoe sluit ik de mail af…

Ik klik op “verzenden” daar gaat mijn mail, enkele uren werk zitten erin en nog twijfel ik of ik het wel goed geschreven heb, of ik duidelijk was. Ik heb er een vol hoofd aan over gehouden, de rest van de dag zal ik me overprikkeld voelen en tot weinig meer in staat zijn. Ik weet precies hoe het gaat. Ik kan het niet verklaren maar het schrijven van zo’n relatief simpele mail kost me bakken energie. Het zuigt me letterlijk helemaal leeg.

Ik plof op de bank met een kop thee en probeer de onrust in me te bedaren. Prrr prrr, mijn smartphone trilt, ik kijk, er is mail. Ik bibber haast van opluchting. Wat fijn, wat snel, eindelijk duidelijkheid. Ik open de mail en kijk gehaast naar de enkele regel tekst die het berichtje bevat. “Ik heb mijn agenda nu niet bij de hand, zit niet bij mijn pc. Ik mail je vanmiddag nog wel.”

“Ik mail je nog wel”… Die zin zou verboden moeten worden…

Lees ook:

  • kantoor

    Waarom het soms moeilijk is om je op je werk staande te houden als je autisme hebt? Nou, bijvoorbeeld als je bij binnenkomst ziet dat er iemand op je plek zit. De vaste plek die je met moeite hebt kunnen…

Kijk voor tips om om te gaan met psychische klachten ook eens op psyche.tips

lees meer