Ik heb het overleefd

Vandaag word ik met een redelijk gevoel wakker. Ik huppel naar beneden en zet een kop koffie, klets ondertussen aan de telefoon wat met mijn moeder en antwoord rustig op een paar ontvangen berichtjes. En dan ineens voel ik me weer eens niet lekker in mijn lijf. Gewoon zomaar, van op het ene op het andere moment. Ik begin mijn hartslag te checken, begin mijn schouders rond te draaien en diep in te ademen. “Niet doen” zeg ik streng tegen mezelf. Ik vlucht de douche in en hoop dat de warmte me geruststelt. Dat doet het eigenlijk altijd, met als gevolg dat ik op den duur maar ga zitten en mezelf er na een uur echt uit moet trappen. Dat is vaak het moment dat mijn hoofd terug gaat naar toen en van alles aan elkaar knutselt. Ik schrijf wat woorden op de beslagen douchecabine totdat ik bang word van mezelf. Dat is het moment om mezelf bij elkaar te rapen en uit de veiligheid te schoppen, die met mijn hoofd nooit langer dan een uur veilig kan voelen.

Eenmaal weer beneden bedenk ik me dat het goed zou zijn om er weer eens uit te gaan. Het is inmiddels alweer een aantal dagen geleden dat ik buitenlucht heb opgesnoven. Ik vermijd buiten zijn maar al te graag, maar ben ook verstandig genoeg om te bedenken dat dat vermijden niet te lang moet duren. Ik doe mijn jas aan en neem niet eens de moeite om een BH onder mijn trui aan te trekken. Het is allemaal al moeilijk genoeg. Ik trek de deur achter me dicht, kijk waar ik naar toe wil, schat de risico’s in en adem een keer diep in.

De viswinkel bereiken is altijd een soort eerste marker van overwinning. Die zit bij mij in de straat, ongeveer 10 stappen van mijn voordeur vandaan. De weg daarnaartoe is lastig, want in de huizen links van mij is vaak niemand thuis en rechts van de stoep staan auto’s en busjes geparkeerd. Ik haat geparkeerde auto’s en busjes. Je weet nooit wie erin zit, je weet nooit wat zijn intenties zijn. Ik zeg “zijn” omdat dat is waar ik bang voor ben, want als er een “haar” in zit, haal ik al snel opgelucht adem. Ik loop zoveel mogelijk aan de linkerkant van het voetpad, zodat áls er iemand geparkeerd staat die mij in zijn auto trekt, het langer duurt voordat dat lukt. Bij de viswinkel aangekomen blijf ik staan en zwaait de verkoopster me enthousiast toe. Ik glimlach haar toe. Veilig…

Vanuit daar schat ik de risico’s in voor het laatste stukje van de straat. Er is er in ieder geval altijd één, namelijk het shoarmarestaurant. Zij hebben vaak de deur open staan van de achteringang van hun bedrijfje. Ik vraag me altijd af waarom. Ik verplaats me liever voor de zekerheid naar de rechterkant van de stoep, want wat als die mannen mij zien? Flash forwards laten mij nare beelden zien van wat er in de gang zou kunnen gebeuren als ik daar zou belanden. Ik loop dat stukje snel voorbij en ben eindelijk aan het einde van de straat beland.

Nog één straatje en dan ben ik in het centrum van onze buurt. “Ik kan dit” zeg ik dapper. In het straatje bevinden zich kleine bedrijfjes waar mensen boven wonen. Rechts van mij is er een drukke weg. Dat vind ik fijn! Met zoveel mensen, is de kans veel kleiner dat iemand mij iets aan zal doen. Ik loop niet te dicht langs de deuren van de bedrijfjes. Het zijn éénmanszaken en je weet het nooit. Ik bedoel, hoe groot zal de kans zijn dat iemand mij naar binnen grist? “Niet groot” zeg ik mezelf nog maar eens, met daar achteraan een “maar niet onmogelijk”. Eenmaal in het centrum begin ik te ontspannen. Fijn al die mensen, fijn die buitenlucht, fijn dat het me gelukt is. Ik trakteer mezelf op een loempia.

In de Kruidvat sta ik in de rij te kijken naar de mensen voor me. “Kijk ze nou” denk ik. “Ze staan hier alsof het niks is.” Een greintje jaloezie vliegt mijn hart langs. “Ik heb net mijn leven gewaagd om hier te komen. En jullie? Jullie lopen hier gewoon maar even naar toe.” Ik koop mascara en haarverf, want maandag moet ik mensen onder ogen komen. Met “mensen” bedoel ik eigenlijk mijn psycholoog. Onderweg terug bedenk ik me hoe triest dat is. “Wie koopt er nou mascara, omdat ze naar de psycholoog moet maandag? Ik… Dat is de enige dag waarop ik iemand zie buitenshuis. Echt, mijn hemel.”

Naast mij parkeert ineens met een verdachte bloedgang een auto in. Ik schrik, sta weer op scherp en beweeg me een aantal meter naar de andere kant van de straat. Nóg een keer die shoarmatent langs, nog een keer stilstaan bij de viswinkel en nog een keer moed verzamelen voor het laatste stukje van de straat. Eenmaal in mijn tuin, kijk ik door het raam en krijg zowat een hartverzakking, tot ik besef dat ik alleen een reflectie van mezelf zie. Er staat niemand achter mij, godzijdank. Ik steek mijn huissleutel in het gat en ik smeek mijn kat op dringende wijze om snel bij de voordeur weg te gaan, zodat ik er zo snel mogelijk langs kan. Hoe langer het duurt, hoe langer één of andere gek de kans heeft om mij in mijn eigen huis te duwen en zelf mee te komen. “Niemand zou het doorhebben als dat gebeurt”. Ik smijt de deur achter me dicht en ik voel me opgelucht.

“Ik heb het overleefd.”

3 Comments

  1. Echt heel mooi verwoord. Het moet wel heel uitputtend voor je zijn om ‘even’ naar het centrum heen en weer te gaan. Dapper dat je dit wel doet! Sterkte!

    PS: bij de gedachte dat anderen er gewoon maar even naar toe lopen, vraag ik me dan weer af dat voor al deze mensen echt zo makkelijk is. Vaak is aan de buitenkant niet te zien hoe mensen ergens onder lijden. Wie weet sta je bij de kassa wel achter een lotgenoot met dezelfde gedachte. Ik kijk wel eens om me heen met het idee dat psychische klachten veel voorkomen, en vraag me dan af welke mensen die ik zie, hier persoonlijk mee te maken hebben. Zo op het eerste gezicht pik ik ze er niet uit.

  2. 🙁 wat verdrietig, maar wat mooi verwoord.. want ik voel helemaal hoe jij als een soldaat in vijandig gebied, de mijnen, scherpschutters en hinderlagen probeert te ontwijken… om maar even de straat op te gaan..
    wees er trots op, wees er heel erg trots op.
    en wees lief voor jezelf als het een keer niet lukt, terwijl je wel van plan was..
    en zoals Ellen zei…misschien heb ik wel eens achter je gestaan in drogisterij… aan mij zie je ook niks.. heb ook mascaraatje op als ik naar buiten ga..
    Wees trots!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.