Ik ben, wie ik ben

En dan heb je je diagnose.

Ik loop de deur uit. Kijk om me heen. Ik weet dat het gek klinkt, maar ik vraag me af of ik er anders uit zie. Ik kijk ook of ik de wereld er anders uit vind zien. En kan alleen maar concluderen dat er niks anders aan is. En dat niemand naar me kijkt.

Toch voelt het alsof ik heel groot op mijn voorhoofdborderline heb staan. Met ondertitel ‘trekken van vermijdende persoonlijkheidsstoornis. Alsof iedereen het nu aan me kan zien. Terwijl ik weet dat dit echt super overdreven is om te denken. Ik vraag me af of ik iets voel, maar ik kom niet bij mezelf. Schaamte? Nee, niet echt. Ik vind namelijk, dat als ik borderline heb, dat heeeel veel mensen die ik ken borderline moeten hebben. Mijn diagnosemevrouw was het daarmee eens.

Naar de auto lopen. Auto openen. Naar huis rijden. Mijn lichaam doet het allemaal. Maar ik voel nog steeds niks. Dit is dus een dissociatie momentje.

Ik besluit een rondje te gaan wandelen. De frisse lucht doet me vast goed. Ik loop mijn rondje en weet dat het precies drie kwartier lopen is. Ik hoor mijzelf denken. Oke, dus op grond van een paar gesprekken wordt er vastgesteld dat ik nu een stoornis heb. Een passief agressieve borderline stoornis. Wauw.
Het draait bij mij om boosheid. Maar goed, ik vind het niet zo raar dat ik boos ben. Deze wereld is ook apart. Ik ben het er zó niet mee eens, met die diagnose. Ik ben niet suïcidaal, ik doe mijzelf geen pijn, ik sla niemand en ik zoek niet de aandacht door mensen uit te dagen. En toch klopt het ergens wel. Van binnen klopt het. In hoe ik denk over mijzelf. Maar daar kom ik niet bij, dat kan ik goed vermijden.

Toch vraag ik me nog steeds af of ik er anders uitzie. Het is stom. Ik weet het.

Shit, vergeten te vragen wat nu dan het verschil is tussen borderline en hooggevoelig zijn. Iedereen is tegenwoordig namelijk ineens hooggevoelig. Ik ook, maar ik heb er een andere visie over. Ik denk dat iedereen hooggevoelig is geboren, maar dat de één beter kan camoufleren als de ander.

Altijd maar dat masker hè, steeds maar volhouden dat het prima gaat. In zo’n gesprek wordt het erger. Ik wil er blijkbaar gewoon niet aan, dat ik me leeg voel, mezelf niet voel, dat ik geen idee heb wie ik ben.

Gelukkig was ze wel aardig. Ik moet doorgaan met m’n coach, want ja, ik moet mezelf nu gaan zien.

Shit man wat duurt het rondje wandelen lang vandaag. Ik ben pas op de helft en ik heb het gevoel dat ik al kilometers aan het lopen ben. Tijd is een raar ding. Het stretcht en krimpt, afhankelijk van de stemming en situatie. Nu lijkt de tijd voorbij te gaan als een schip dat wil varen over drijfzand. Ik zie op tegen het tweede gedeelte van mijn rondje. Niet aan denken. Gewoon lopen. Je komt vanzelf thuis.

En dan start mijn behandeling pas volgend jaar. Helaas, want er is natuurlijk een dikke wachtlijst en de therapeuten gaan stoppen door de bezuinigingen. Dus ja, dat wordt een half jaar wachten of zo. En het geld is op voor dit jaar. Maar dat vind ik niet zo erg. Wat ik het moeilijkste vind is mijn vermijding in de tussentijd. Hopen dat ik het niet op m’n heupen krijg en dat ik het dan weer af ga zeggen. Ik ben er nu eindelijk aan toe. Dus als ik dan heel lang losgelaten wordt ben ik bang dat het straks natuurlijk allemaal weer super goed met me gaat zogenaamd. Dus ik spreek met mezelf af dat ik het toch ga doen. Ook als ik me tegen die tijd weer helemaal top voel. Ik mag van mijn diagnosemevrouw ook eigenlijk niet meer gaan werken dan dat ik nu doe. Dat zullen we nog wel eens zien dan. 

Ik wil dat het weggaat. Ik wil het oplossen. Snel. Ik wilde een label. Nu wil ik er weer vanaf.

Ik creëer graag een probleem om aan te kunnen werken. Ik houd niet van de stilte van het niks. En van de saaiheid van een stabiel leven. Ik houd eigenlijk best wel van mijn borderline gedrag, ergens. Het rondje wandelen duurt me alleen echt te lang vandaag.

Ik besluit dat ik er niet anders uit zie. En dat ik ook niet anders ga worden. Ik besluit dat ik gewoon mijzelf ben en dat ik mijzelf beter wil leren kennen. En dat die labels slechts een aanwijzing zijn, een manier voor anderen om te snappen hoe ik mij gedraag. Meer dan dat is het niet. Ik ben veel meer dan mijn labels. Ik ben mij en ik ben eigenlijk best wel een leuk mens. Ik ga niet het slachtoffer uithangen. Ik wil geen lotgenoten. Ik ga er niet over zeiken. Het is wat het is. Ik ben wie ik ben. Nu ben ik gelukkig en morgen ben ik misschien boos. Dat is toch best een goede balans?

Ik heb therapie nodig. En ik moet er keihard om lachen. Want ze geven me een diagnose en wensen me succes ermee komend half jaar. Wie is er nou gestoord dan?

 

2 Comments

  1. Haha, wat een goede eindzin!! Hier nog een hooggevoelige met borderline. Al gebruik ik beide labeltjes in het dagelijks leven niet vaak. Puur voor mezelf om te begrijpen waarom ik op sommige dingen op een typische manier reageer en om dan tools te vinden die mij kunnen helpen.
    Hooggevoeligheid noemen ze een persoonlijkheidskenmerk ipv een stoornis. Het schijnt dat prikkels anders worden verwerkt, met als functie het beschermen en bewaken van de rest van de groep.

    Oh en dat iedereen borderline heeft, klopt wel een beetje… Je moet het boek ‘Borderline Times’ van Dirk de Wachter maar eens opzoeken. Daarin diagnosticeert hij de maatschappij met borderline. 🙂

    Komt wel goed allemaal hoor! Het is knap irritant en pijnlijk soms, maar er valt prima mee te leven en het maakt je niet ineens anders.

    Liefs!
    Rivka onlangs geplaatst…Kerst, we moeten pratenMy Profile

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.