Hallo, ik ben een mens

Hallo, ik ben een mens

Men vindt mij leuk. Sociaal, spontaan, er zijn zelfs mensen die mij open noemen. Dat betekent dat ik geslaagd ben als kameleon. Een knikkende kameleon, aangepast naar de situatie. Maar ik wil geen kameleon zijn, ik wil er zijn. In verbinding. Dat kan alleen als ik mezelf, een mens, durf te zijn. Maar wie is dat?

Opgroeien

Ik kan mezelf niet herinneren. Dat komt, weet ik nu, omdat een deel van je hersenen zich afsluit in hoge spanning. Ik kan mezelf niet voorstellen zonder angst, ofwel: spanning. Het hing in mijn ouderlijk huis, wij zaten als gezin aan tafel met als eregast de angst.

Gelukkig hadden we het goed, we waren niet arm, we waren niet ziek, niet lelijk, niet dom. Iedereen vroeg aan elkaar hoe zijn dag was geweest. Bij ons was er dus echt niets aan de hand. Ik huilde alleen wat veel, liep weg, bleef in een woedeaanval op de grond liggen en sloeg met mijn hoofd tegen de muur toen ik de tafel van 7 vergat. Maar er was niets aan de hand, ik was gewoon een beetje angstig. Bij ons was alles namelijk goed, er werd hard gewerkt, niemand was ziek, we hadden geen reden om niet gelukkig te zijn.

Toch was ik vreemd, anders. Ik voelde dingen aan die niemand aanvoelde en die ik ook (nog) niet goed kon verwoorden. Ik kon nogal extreem zijn in mijn opvattingen, had Grote Emoties, was enorm angstig om iets niet goed te doen en vroeg mezelf dingen af waar niemand een antwoord op had. Er was altijd wel een nieuwe obsessie. Een docent, een schrijver, een kunstenaar. Samen met de obsessies kwam (nog meer) angst, vanuit de angst kwam dwang en vanuit de dwang kwam agressie in de vorm van zelfbeschadiging en suïcidaliteit. Daar groeide ik mee op, er kwamen hulpverleners, opnames, therapieën en medicijnen.

Mens

Ik schrijf dit niet in de verleden tijd omdat het over is. Ik schrijf het zo, omdat ik het moeilijk te beseffen en te accepteren vind dat ik dat ben. Bij ons was toch niets aan de hand? Waarom voelde ik me dan zo vreemd, zo onmenselijk?

Ik heb die vraag intussen vaak gesteld, aan mezelf, aan mijn hulpverleners, aan groepsgenoten in de therapie. Nu weet ik dat een waarom niet altijd interessant is. Wat wel interessant is, is dat ik mezelf zo mag zien: iemand die anders is. Dat me dat niet een minder geslaagd mens maakt, of eigenlijk vooral: dat het me niet minder mens maakt.

Toch blijf ik veel zoeken naar mezelf in de wirwar van labels en therapieën. Omdat ik toch hoop dat ik daarin ergens houvast kan hebben, een systeem kan ontdekken: hier heb ik last van, dit heb ik nodig. Dat dat bij mij niet zo makkelijk vast te stellen, is nu wel duidelijk. Ik noem er maar een paar: angststoornis, chronische depressie, obsessieve-compulsieve persoonlijkheidsstoornis én ocd, borderlinetrekken. Een psychiater was ervan overtuigd dat ik zowel borderline als een narcistische persoonlijkheidsstoornis had. Die was het minst leuk. Het is een ontzettend frustrerend proces, waarin ik mezelf steeds dacht te vinden en weer ben kwijtgeraakt.

ISTDP

Momenteel volg ik een nog redelijk onbekende therapie: intensive short-term dynamic psychotherapy (istdp). Dit is een gestructureerde vorm van therapie, heel anders dan de meeste psychoanalytische methoden. De therapie werkt alleen als er een gelijkwaardige samenwerking is tussen therapeut (psychiater) en cliënt, waarbij zowel therapeut als cliënt voor 50% verantwoordelijk is voor het proces. Belangrijker nog: therapeut en cliënt zijn vooral allebei mens, met allebei menselijke gedachten en gevoelens. Ik ervaar de therapie als erg intensief, waarbij al je gedrag wordt gespiegeld en je wordt uitgenodigd om daar direct op te reageren. Automatische processen (vaak afweer) worden geconfronteerd en ondervraagd met het doel om uiteindelijk tot je innerlijke behoeftes en verlangens te komen zonder dat die worden gecensureerd door de strenge ‘ik’.

Ik kan de therapievorm aanraden voor iedereen die worstelt met het (h)erkennen van emoties, eigenheid en intimiteit met zichzelf. Van mijn huidige psychiater heb ik overigens weer een gloednieuw label gekregen, waar (voor volwassenen) vrij weinig over bekend is: hoogbegaafdheidsproblematiek. Dit label is niet eens opgenomen in de DSM, volgens mij. Maar het is er dus wel (of toch niet?). Ik hoop in de therapie en ook hier, op dsmmeisjes, weer meer over mezelf te leren. Hopelijk zonder een label nodig te hebben om mezelf te kunnen identificeren. Als mens, dus.