Grenzeloos

Triggers, ze zijn er de hele dag door. Thuis, op mijn werk; ze liggen overal op de loer. Als je even niet oplet, slaan ze toe. Tijdens één van de groepssessies voor schematherapie, die ik jaren geleden voor de eerste keer volgde, werd hiervoor al gewaarschuwd: Juist op het moment dat het goed met je gaat, moet je alert blijven. En inderdaad, na zonneschijn volgt steevast Wereldoorlog 3. In mijn hoofd dan. Daarna volgt een gevecht, waarbij ik ernstig op de rem moet trappen en mijn gedachtes moet stoppen. Na heel veel zelfzorg, lief zijn voor mijzelf (moeilijk!) en héél veel schrijven, volgt de vermoeidheid. Uitputting zelfs. Maar ook opluchting, want ik voel wanneer de episode voorbij is, ook al zit ik nog niet goed in mijn energie. Daarna volgt een periode dat ik mij steeds beter ga voelen. De zin in activiteiten ondernemen is weer helemaal terug, mijn geheugen is terug, ik word zelfs weer een beetje sociaal. Ik geniet met volle teugen. Ik heb zelfs zoveel energie dat ik erg moet letten op mijn grenzen en deze bewust moet aangeven.

Op het werk ligt het echter anders, daar is het aangeven van grenzen een stuk lastiger. Ik werk in de uitvaart en een laatste afscheid moet perfect verlopen. Je hebt tenslotte maar één keer om afscheid te nemen en daarbij mogen geen fouten worden gemaakt. Dit doe ik met heel veel liefde voor de nabestaanden. Hierin schuilt gelijk ook een valkuil voor mij: de ‘veeleisende’ en ‘straffende ouder’ in mijn hoofd liggen voortdurend op de loer om toe te slaan. Ik leg de lat in mijn werk hoog en veer met veel wensen van uitvaartleiders en nabestaanden mee. In drukke tijden doe ik dit soms wel dágen of wéken achter elkaar. Als ik dan niet alert blijf en in de flow door blijf werken, verandert die flow langzaam maar zeker, heel geniepig, in een steeds strenger wordende ‘stem’. De ‘stem’ van de ‘veeleisende’ en ‘straffende ouder’. Die vinden dat ik niet aardig genoeg ben, dat ik veel beter mijn best moet doen, dat ik flexibeler moet zijn en het laatste afscheid van de families verpest doordat ik “zo” ben. Dat ik een last ben voor mijn collega’s en dat zij mij beter kwijt zijn dan rijk. Met zoveel herrie in mijn hoofd kost het steeds meer moeite om me ‘gewoon’ te gedragen, alsof er niets aan de hand is. De schaamte voor mijzelf neemt dan de overhand, ik ben bang dat iedereen aan mij ziet dat ik de grip op mijzelf kwijt ben en ik zou het liefste alle contact met de wereld ontwijken. De ontwijkende/dwangmatige/depressieve persoonlijkheidsstoornis heeft me in volle hand overgenomen en ik ga door alsof er niets aan de hand is. Dat voelt alsof ik de marathon aan het lopen ben. Want oh, wat zou ik me graag in mijn huis opsluiten. Op de bank gaan liggen met een fleece dekentje en Netflix.

Maar dat kan niet, en dat is maar goed ook. Ik móet doorgaan. Voor mijn gezin, voor mijn omgeving en zeker ook voor mijzelf. Want ik weet dat ik hier weer uitkom. Het duurt vaak een week of 2 voordat ik weer een beetje mezelf word. Goed voor mijzelf zorgen, lief voor mijzelf zijn, goed eten, wandelen, mindfulnessen en vooral heel veel schrijven. Minstens één keer per dag even de gedachten de vrije loop laten gaan. Het geeft de rust waarnaar ik zo verlang, het creëert overzicht.

Momenteel gaat het goed met mij. Maar er schuilt altijd weer dat stukje angst: Hoelang gaat dit duren, hoelang kan ik de boel op de rit houden? Alert ben ik in ieder geval!

7 Comments

    1. Herkennen is 1 ding, op tijd kunnen ingrijpen is vaak nog wel lastig. Soms ook vermoeiend om altijd alert te blijven op wat er gevoelsmatig gebeurt. Wel fijn dat je het herkent. Bedankt voor je reactie!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.