moe meisje

Een dag uit mijn leven met een depressie

Het is zondagavond. Ik kom thuis na een lange werkdag en plof uitgeput op de bank. ‘Zo, dat heb ik ook weer overleefd’, denk ik. Al heb ik geen flauw idee hoe. Ik stond de hele dag op het punt van huilen en ik ben zo onwijs verdrietig. Maar ik bleef lachen, mijn cliënten en collega’s hoeven dit niet te weten.

Ik drink nog even wat en na ongeveer een half uur gaat mijn vriend naar bed. “Ik kom er zo aan!” zeg ik. Ik kijk nog een programma en ben van plan daarna ook naar boven te gaan. Met een minuut of tien is het programma afgelopen en wil ik op staan om naar boven te gaan. Het lukt niet. Ik krijg mijn lichaam niet overeind en mijn voeten niet op de grond. Ik ben zo intens moe. Ik kan niet naar boven. De gedachte alleen al: traplopen, tanden poetsen, omkleden. Alles voelt als te veel. Het voelt alsof ik een marathon moet lopen zonder enige oefening. Ik twijfel nog even om op de bank te gaan slapen, maar dan realiseer ik me dat ik toch naar boven zal moeten voor mijn medicijnen en het toilet.

Het voelt alsof ik een marathon moet lopen zonder enige training.

Bijna twee uur later dan mijn vriend haal ik ergens restjes kracht vandaan om naar boven te gaan. Eenmaal boven aan de trap moet ik even stilstaan en me vasthouden aan de leuning want, zoals na elke trap die ik op ga, lijk ik door mijn benen te zakken. Mijn vriend slaapt al, dus stiekem poets ik mijn tanden niet, dat scheelt weer. Ik neem mijn medicijnen, waaronder slaapmedicatie, kleed me om en duik uitgeput in bed. Ik ben blij dat ik lig.

Gek eigenlijk, dat ik zo moe ben en toch slaapmedicatie nodig heb. Overdag als ik op de bank tv lig te kijken val ik binnen tien minuten in slaap en als mijn wekker af gaat in de ochtend ben ik niet uit bed te krijgen, maar als ik dan echt moet slapen, dan lukt het niet. Ook als ik overdag niet heb geslapen. Ik blijf denken en draaien, blijf onrustig trillen met mijn benen en kan de slaap binnen twee uur nooit vatten.

Nou goed dan, lang leve de pillen zeg ik dan maar!

De volgende dag moet ik werken vanaf 12 tot 8. Mijn vriend sleept me, zoals elke ochtend, met moeite uit bed en ik stap de douche in. Even lekker wakker worden. Het liefst ga ik zitten in de douche, mijn benen voelen als pudding. Maar dan weet ik dat ik er nooit meer onderuit kom en ik heb nou eenmaal, zoals elke ochtend, wat haast. Ik smeer een boterham en loop al etend naar buiten om met mijn hondje te wandelen. Ik neem mijn medicijnen, poets gauw mijn tanden en mijn natte haar gaat in een vlugge, slordige knot vast op mijn hoofd.

Er lijkt geen einde te komen aan mijn werkdag en ik ben blij dat het acht uur is. Fuck. Ik moet nog gauw langs de supermarkt en dan moet ik door naar de muziekvereniging waar de wekelijkse repetitie een half uur geleden al begonnen is.

Vanaf het moment dat ik vrij was tot aan het moment dat ik de supermarkt uit liep, heb ik getwijfeld of ik wel zou gaan. Ik wil niet. Maar ik heb al gezegd dat ik wat later ben en volgende week is vanwege Pasen ook al geen repetitie. Ik kan het niet maken tegenover de rest van de groep en ik besluit dan toch maar te gaan. Misschien vind ik het wel leuk als ik er eenmaal ben, hoop ik nog.

Helaas, dat blijft bij hopen.

Als het eindelijk half 10 is pak ik mijn spullen en doe sociaal nog een sigaret mee met een aantal anderen. Beetje lachen, beetje kletsen, vooral niet laten merken dat het enige wat je wil nu is gewoon verdwijnen.

Opgelucht stap ik daarna de auto in, ‘ook weer gehad’, denk ik zuchtend. Ik moet nog even naar mijn schoonouders om mijn hondje, die mijn vriend vanmiddag voor zijn werk heeft gebracht, op te halen. Ik ben blij haar weer te zien en realiseer me dat dit de eerste keer is deze dag dat ik oprecht lach. Ik klets nog even wat en stap uitgeput weer de auto in. Nog een kwartier rijden en ik ben thuis

Weer een dag overleefd. Ik vraag me af hoeveel ik er nog moet. Ik ben uitgeput, op.

Lees ook:

  • De vorm van de dag

    Een goede dag Mijn psychiater vroeg aan me hoe het ging. Mijn eerste reactie was “Tsja, ik heb een goede dag vandaag.” Zo'n uitspraak die ik eigenlijk niet altijd hardop durf te doen uit angst…

  • Sterk

    Vanmorgen stond ik op met een zwarte wolk in mijn hoofd. Het liefst zou ik de hele dag in bed zijn blijven liggen, maar dat deed ik niet. Ik bakte een ei, waste mijn haar…

  • black and white woman girl sitting

    Sommige maanden zijn zwaar en andere weken net iets minder zwaar. Dit is hoe je een dysthyme stoornis zou omschrijven. Het is een chronische lichte tot milde depressie. Soms zijn er weken waar de zon…

4 reacties

  1. Wat heb je dat goed omschreven en zó dapper dat je jezelf nog naar je werk weet te slepen. En wat betreft dat slapen snap ik je wel. Ik zei vandaag nog tegen iemand: “Ik ben maar op één moment van de dag écht goed wakker en dat is als ik moet gaan slapen. De rest van de dag ben ik duffer dan duf.” Ergens ben ik ‘blij’ dat ik niet de enige ben, want ik vond het maar heel raar.
    Lees een van mijn persoonlijke blogs: Goedbedoeld advies

    1. Bedankt voor je lieve reactie , en fijn dat je er herkenning in kan vinden ❤ haha precies hetzelfde idd.. dan ‘moet’ je en bedenkt je hoofd ineens alles wat ooit kan gebeuren ofzo ..

  2. Pffffoeh. Ik weet dit nog zo goed… Ik ging een keer na een bruiloft letterlijk op de grond liggen en mijn toenmalige vriend zei ‘je hoeft alléén nog maar even de trap op’ maar ik kón gewoon niet meer. Zo naar is dat… Inmiddels gaan alle trappen me gelukkig weer goed af, dus hopelijk voor jou over een tijdje ook weer. <3

  3. Jaa gek he dat t zoveel met je kan doen ofzo .. wat fijn dat een trap voor jou inmiddels weer vanzelfsprekend is! Dat komt vast! Bedankt voor je lieve reactie ❤

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Ik toon graag een persoonlijke blog onder mijn reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.