Door de mand vallen

‘Waarom heb je het verwijderd?’

Zodra je het schrijft is het waar. Zodra het op papier staat, kunnen anderen het lezen, weet je wel. Zullen ze zien wie je bent. Zullen ze er wat van zeggen. En op dat moment, dat moment moet je er wat mee. Moet je reageren. Maar wat moet ik zeggen? Wat heeft mijn collega nou met mijn gevoelens te maken?

‘Ik weet niet, vond het niet goed genoeg ofzo.’ Antwoord ik terwijl ik snel een plastic bekertje pak voor mijn koffie.

‘Zonde joh, je kan echt mooi schrijven hoor.’

‘Ja, dat weet ik…’ Zeg ik. En bedenk me kort daarna, dat je complimenten moet ontvangen met een ‘bedankt’.

Wat zeg ik nou weer? ‘Dat weet ik?!’ Arrogant zeg! En zo dom. Ik vond het niet goed genoeg, maar weet dat ik goed kan schrijven.
Super dom dit.
Mensen moeten eens ophouden met hun complimenten. Ik raak daarvan in de stress. Ik wil niet kijken naar mijzelf. Ik wil niet horen hoe leuk mooi en lief ik ben als ik het zelf niet geloof. Dus geloof ik de ander ook niet.

‘…bedankt. Misschien ga ik wel weer wat schrijven, als ik inspiratie heb.’

Net op tijd. Iets minder arrogant zo. Inspiratie genoeg trouwens. Maar het is allemaal shit. Allemaal donkere zooi. Over ellende. Ik las het terug en schrok van mezelf. Zo iemand wil ik niet zijn, ik lijk wel depressief. Maar die kant mag er niet zijn. 

‘Leuk, ik kijk ernaar uit.’

Ander onderwerp. 

‘Dank je. Hé, hoe is het eigenlijk met Barry? Hoor je nog wel eens wat van hem?’

Barry interesseert me geen reet. Het zal me eerlijk gezegd zelfs een worst zijn wat de meeste mensen doen. Er zijn een paar mensen die ik echt interessant vind. Maar een verre collega, die nooit iets van zich laat horen kan in de stront zakken. Toch vraag ik ernaar. Het boeit me echt werkelijk niks. Waarom vraag ik het in godsnaam? Loop gewoon weg! 

‘Goed die heeft nu een 3e kind hè? Super leuk….Hij is ook begonnen met…’

Ik keek laatst in mijn spotify lijst. Het was alleen maar sneu. Volgens mij heb ik een identiteitscrisis. Eentje die al mijn hele leven duurt, eigenlijk. Geen idee. Soms denk ik dat ik het weet, dat ik een doel heb gevonden, een richting. Maar het is steeds een nieuw doel. Steeds weer hoop ik dat het me gelukkiger gaat maken. Het kan soms borrelen in mij van de energie. Dan voel ik hoe leuk en lief ik ben….Heb ik zin in het leven! Ik zou weer eens moeten gaan sporten. Dat hielp altijd goed. 

‘…ze gaat nu naar school en kan al lezen…’

‘Jeetje, ja de tijd vliegt he. Het leven is werkelijk zo voorbij.’ Hoor ik mezelf zeggen.

‘….Ja joh. Voordat je het weet zit ze in de pubertijd, die dochter van hem.’

Hij ziet het. Hij weet vast dat ik helemaal niet heb geluisterd. Maar ook hij zegt het niet. 

‘Ik zal Barry de groeten van je doen als ik weer eens in Utrecht ben.’

Zie je wel…een subtiel einde van dit neppe gesprek. 

‘Is goed, leuk, thanks!’

We vallen allemaal door de mand. We doen maar wat. Niemand heeft werkelijk enig idee. Als we dat nu eens zouden bespreken, dán zou het ergens over gaan bij de koffieautomaat. Maar zodra je het zegt is het waar. Zodra je het vertelt, moet je er wat mee. Dan zullen we van elkaar zien wie we werkelijk zijn en moeten we toegeven dat we er allemaal werkelijks niks van snappen. Dat zou gek zijn. Dus ik speel het spelletje mee en fantaseer van binnen over mensen die massaal hun masker afzetten. Dat kan leuk worden…

 

5 Comments

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.