vrouw voor doolhof

Doolhof in mijn hoofd

Mijn eerste therapeut omschreef de zoektocht in jezelf als het pellen van een ui: elke keer vind je weer een nieuwe laag waar je dingen van kan leren. In mijn hoofd geen ui, maar een doolhof. Met in het midden een briesende Minotaurus. Te gevaarlijk om vrij te zijn, opgesloten ter bescherming van mij. Een monster om te overwinnen als je ooit vrij wilt zijn.

Al jaren loop ik door mijn doolhof. Af en toe kom ik door een stukje waar de zon schijnt, maar veelal is het schaduw. Met mos begroeide paden die nooit zonlicht zien, sombere eentonige uitzichten. Prikkelbosjes die trekken aan je kleren en je reis zwaarder maken. Je leert een heleboel, over jezelf, je omgeving, maar zolang het monster bestaat, zal je de uitgang van dat ellendige doolhof nooit kunnen vinden.

Af en toe kom je in de buurt van het midden: door een metershoge heg hoor je de briesende geluiden van het beest en vieze geuren ontnemen je de adem. Je gaat de hoek om… weer een doodlopende gang: omdraaien, uithuilen en opnieuw beginnen.

Ondanks de ontberingen, de talloze mislukte pogingen. Ondanks die momenten dat je dacht er te zijn, om erachter te komen dat je wéér vastloopt. Ondanks dat het vaak onmogelijk en uitzichtloos lijkt. Je gaat door. Je blijft proberen.

En nu ben ik er, daar in het midden… Ik kan zien wat was en wat nu is. Hoe iets moois en onschuldigs getransformeerd is tot een woeste, gevaarlijke, maar toch ook trieste hoop ellende. De stank is overweldigend en dreigt me regelmatig te veel te worden en toch ben ik vastberaden dit af te maken. Er is maar één weg naar buiten. Dus val ik aan. Jaren van ontberingen hebben me sterk gemaakt. Ik kan dit aan en ik zál overwinnen.