De ongrijpbare wereld van gaslighting

Ik ben een meisje van 28 jaar en tot een aantal jaar geleden heb ik nooit kunnen vertellen hoe mijn jeugd geweest is. Heb ik niemand kunnen uitleggen waarom ik niet meer wilde leven. Waarom ik eigenlijk niet meer kon. Ik heb er nooit woorden voor kunnen vinden. En eigenlijk wist ik zelf niet eens wat er echt gebeurde. Wat er echt was en wat ik me misschien wel inbeeldde. Of er wel echt iets gebeurde, of het erg was of of ik me niet gewoon aanstelde? Ik kon er nooit de vinger er op leggen. Ik wist alleen dat ik ongelukkig was. Maar wat gebeurde er nou echt?

Een tijdje geleden kwam ik voor het eerst de term gaslighting tegen in een informatiefoldertje in de wachtkamer bij mijn psycholoog. ”Gaslighting is gebaseerd op de film Gaslight uit 1944, waarin een man zijn vrouw ervan probeert te overtuigen dat ze gek wordt. Hij doet dat onder meer door de gaslampen in huis op willekeurige momenten te dimmen. De man houdt vol dat hij niets vreemds merkt aan het licht, waardoor de vrouw aan haar eigen waarneming gaat twijfelen.” Het doel van gaslighting is de ander steeds onzekerder te maken, zodat de macht over diegene toeneemt. Het is niet altijd een doelbewust mechanisme en verloopt vaak zó subtiel dat degene die er middenin zit het niet door heeft.

Toen ik las wat gaslighting inhield, herkende ik daar zo veel in. Ik voelde voor het eerst dat ik eindelijk een klein beetje taal had voor hoe mijn jeugd geweest was. Voor hoe mijn vader was. Waarom niemand nooit heeft ingegrepen en waarom ik nooit iets heb kunnen zeggen. Hierdoor kon ik eindelijk een beetje grip krijgen op alles wat ik altijd ergens wel voelde, maar nooit heb kunnen begrijpen.

Mijn vader wist me van alles te overtuigen. Hij legde intenties in alles wat ik deed, en altijd slechte. Hij had hele theorieën waarom ik dingen deed en waarom dat mij slecht en egoïstisch maakte. En ik geloofde hem. Hij was zó overtuigend. Hij wist dat ik de deur te hard dicht had gedaan om hém te pesten, en waarom het dus terecht was dat hij daar zo boos om werd. Altijd waren zijn theorieën bewijzen voor dat ik egoïstisch en slecht was en hem dwars wilde zitten. En dat hij dus gelijk had dat hij boos op me werd en van me walgde. Een hekel aan me had. Hij was zó overtuigend ik hem altijd heb geloofd. Hij was tenslotte ook mijn vader, waarom zou hij dit anders zeggen?

Deze theorieën konden op alle momenten en onderwerpen tegen me gebruikt worden. Dan kwam hij opeens met opsommingen wat ik had gegeten de afgelopen maanden als ‘bewijs’ dat ik meer koeken at dan ik mocht. Ik mocht altijd één koek per dag. Volgens hem at ik er altijd meer. Ik dacht altijd dat ik naar hem luisterde, dus ik schrok toen ik hoorde dat ik dat niet had gedaan. Ik dacht dat het anders was. Maar hij wist het zó zeker. Hij had het geteld, zei hij. Bijgehouden. En dat was dan bewijs dat de koeken door mij altijd zo snel op waren terwijl de rest van het gezin zo zuinig was. Dat daardoor zij geen of minder koeken hadden kunnen eten. Dat we er geen geld hadden voor hadden om mij eten te geven als ik zo veel at. Dat ik zo egoïstisch was en dat nu de rest geen koeken had de rest van de week. Dat ik daarom zo dik was. Dat ik maar liep te schransen als niemand oplette. Dat ik een vreetmonster was. Dat ik dan daardoor m’n avondeten niet op zou eten en vervolgens expres ‘s avonds weer beneden zou komen om nog wat te eten. En dat ik dit alles zo plande en bedacht om hém lastig te vallen. Want ‘s avonds wilde hij rust van mij en kon hij eindelijk even bijkomen, en dan kwam ik toch weer beneden met dit als smoesje. Ik deed alles om hem lastig te vallen en te pesten.

Ik schrok altijd als ik hoorde dat ik echt zo in elkaar zat. Was ik echt zo slecht? Deed ik dit allemaal echt daarom? Had nu echt niemand koeken door mij? Ik schrok altijd van mijn eigen slechtheid. Ik had het niet door gehad en zei dat ook altijd tegen hem. Dat ik het zo niet bedoeld had. Echt niet.
Maar dat was wel waar volgens hem, juíst daarom had ik het gedaan en dat wist ik best. En nu loog ik ook nog. Ik heb me altijd zo slecht over mezelf gevoeld.

Alles wist mijn vader ‘onder de radar’ te doen. Alles was onduidelijk en uiteindelijk mijn eigen schuld of slecht van mij dat ik durfde te twijfelen aan zijn goede intenties. Dan zette hij zijn onschuldige blik met grote, blauwe ogen op. Het was zo ongrijpbaar, waardoor ik het nooit aan iemand heb kunnen vertellen. Inmiddels weet ik dat mijn vader mij misbruikt heeft. Vroeger wist ik dat niet. Mijn vader is ook arts en volgens hem was alles puur beroepsmatig en vanuit zorg. Hoe durfde ik dan vervolgens aan zijn goede bedoelingen te twijfelen? En weer voelde ik me zo slecht over mezelf.

Het blijft heel lastig om écht te omschrijven hoe gaslighting is. Het is subtiel en ongrijpbaar. En dat maakt je kwetsbaar. Kwetsbaar voor de waarheid van de ander. Kwetsbaar voor de theorieën. En dat is precies wat het ook is. Heel subtiel wordt langzaam de grond onder je vandaan gegraven, net zo lang tot je geen enkele bodem meer hebt om op te staan. Tot niks meer zeker is. Tot je jezelf én de ander niet meer kan geloven en vertrouwen.

Ik heb nog een lange weg te gaan in het leren vertrouwen van mezelf en anderen. Ik heb het nooit geleerd en lang was er geen basis om op te bouwen. Inmiddels lukt het me steeds iets beter te vertrouwen in mijn psycholoog, hoewel het erg kwetsbaar is en ik vaak nog te erg op m’n hoede ben. Kleine dingen kunnen de volledige onveiligheid triggeren en me het gevoel geven opnieuw de bodem kwijt te zijn.

Maar het begin is er, en vandaar kan ik hopelijk steeds meer bodem gaan voelen. Het voelt voor nu allemaal eng en onwennig, maar gelukkig kan ik in ieder geval inmiddels wel een beetje grip krijgen op wát er voor gezorgd heeft dat het leven soms zo zwaar kan voelen. En dat zorgt er ook voor dat ik de wereld wil leren begrijpen zonder gaslighting.

Ik vind het heel spannend om hierover te schrijven want ik ben eigenlijk heel bang dat jullie mij ook niet geloven. Dat jullie ook denken dat ik alle koeken opat zodat niemand anders ook een koek kon nemen. Dat ik inderdaad slecht ben. Maar juist deze angst aangaan is ook onderdeel van herstellen en de wereld leren begrijpen. Van leren vertrouwen en leren dat niet iedereen zo is als mijn vader. Van op mezelf leren vertrouwen.

Ik at niet alle koeken op, en zéker niet om hem lastig te vallen. Ik was gewoon een kind. Zíjn kind.

Lees ook:

  • meisje schrijft

    Met angst en beven schrijf ik mijn eerste blog. Ik lees al een tijdje mee, heb zelfs al eerder overwogen om een blog te schrijven, maar het is er tot nu toe niet van gekomen. Nu is het dan zover.…

Kijk voor tips om om te gaan met psychische klachten ook eens op psyche.tips

lees meer