Bang om te zeggen dat het goed gaat

Sinds een maand gaat het een stuk beter met mij. Ik ben al anderhalve maand niet opgenomen en het ziet er naar uit dat ik kerst dit jaar thuis met mijn familie vier. Daar ben ik erg blij en dankbaar voor. Ik heb minder suïcidale gedachten, zit lekkerder in mijn vel en kan dankzij de vaardigheden die ik heb geleerd in de VERS-training beter omgaan met crisissen. Kortom, het gaat een stuk beter. Maar als iemand mij vraagt: Hoe gaat het? Dan zeg ik nog steeds: Het gaat wel. Ik ben bang om te zeggen dat het goed gaat. Ik heb lang nagedacht over waar deze angst vandaan komt. Ik denk dat het komt doordat mensen dan verwachten dat je weer normaal kan participeren in de maatschappij. Dat je dan geen off-days meer hebt, geen suïcidale gedachten meer hebt en gelukkig bent.

Ik weet niet of mensen dit echt verwachten, maar dit is wat ik altijd denk als iemand mij vraagt hoe het gaat. Ook denk ik dat als je zegt dat het goed gaat, dat je dan beter bent. Dat je dan geen last meer hebt van je psychische klachten en genezen bent. Terwijl dit in werkelijkheid helemaal niet zo is. Er kunnen periodes zijn dat het beter gaat, maar er kunnen ook periodes opvolgen waarin het toch weer slechter gaat. Dat is helemaal niet erg. Vaak ga je voor elke stap die je vooruit doet, een halve stap achteruit. Maar dat maakt niet uit. Waar het om gaat is dat je vooruit gaat. Toen ik afscheid nam van een behandelaar, gaf ik haar een zelfgetekend kaartje met daarop een schildpad met de tekst: ‘No matter what your speed is, forward is forward.’ Dit vind ik nog steeds een passende spreuk. Het maakt niet uit hoe snel of langzaam je stappen vooruit zet, waar het omgaat is dát je vooruit gaat. De een heeft er gewoon wat meer tijd voor nodig dan de ander.

Ik dwaal weer af. Waar ik het over wilde hebben is dat als mensen vragen hoe het gaat, dat ik het dan het eng vind om te zeggen dat het goed gaat. Ook omdat je dan voor jezelf moet toegeven dat het echt een stukje beter gaat. Dit vind ik eng, omdat ik denk dat ik dan vooruit moet blijven gaan. Ergens is het ook wel prettig om een excuus achter de hand te hebben voor de feiten die je maakt. Als ik bijvoorbeeld een tentamen niet haal, kan ik zeggen: dat komt doordat ik niet lekker in mijn vel zit. Maar als het wat beter met je gaat kan je dat niet meer zeggen. Je moet dan echt verantwoording gaan nemen voor je daden en dat is eng. 

Ook denk ik dat als je zegt dat het goed gaat, dat je dan weer bij de volwassenen wereld hoort, de ‘echte’ wereld. Terwijl het juist zo fijn is om af en toe kind te zijn. Om iemand te hebben die voor je zorgt en om je te kunnen gedragen als een kind. Maar als het beter met je gaat, moet je ook weer volwassenen dingen doen. Niet alleen boodschappen doen of je huis opruimen, maar ook je bankzaken regelen en dat allemaal zelfstandig. Want dat hoort bij een volwassenen leven. Je moet je dan weer naar je leeftijd gedragen en dat is best eng vind ik. 

Maar zeggen dat het goed gaat, hoort ook bij het proces. Als je hardop zegt dat het goed gaat, ga je het misschien zelf ook geloven. Hoe vaker je het zegt, hoe minder eng het wordt. En onthoud, ook als je zegt dat het goed met je gaat, mag je af en toe mindere dagen hebben. Dat is niet erg. Dat heeft iedereen weleens. 

Ook zin gekregen om te schrijven? Stuur een blog in naar dsmmeisjes!