Bang-banger-bangst

Met trillende handen eet ik mijn lunch. De paniek gonst door mijn lijf en bij iedere beweging lijkt de pijn en daarmee ook de angst toe te nemen. Mijn ademhaling stokt en doorademen lukt niet volledig. Mijn spieren staan gespannen en het voelt alsof ik in een waas leef. Alles in mij zegt dat ik dood ga. En als ik niet dood ga, dan word ik gek.

Gistermorgen werd ik wakker met enorme pijn op mijn borst. Het was geen continue pijn, de pijn was er alleen bij bepaalde bewegingen. Mijn nuchtere, relativerende ik fluisterde: ‘niks aan de hand Shawney, gewoon een verrekt spiertje.’ Mijn minder nuchtere kant heeft een luidere stem, een irritant luide, scherpe stem. ‘Maar misschien is het wel iets met je hart,’ zei het. De pijn is inderdaad in de buurt van mijn hartstreek. ‘Niet doemdenken.’ Ik probeer het stemmetje te negeren en dat gaat eventjes best goed. Ik probeer mezelf af te leiden. Maar bij een volgende steek, word ik weer een beetje banger.

Uiteindelijk wint de irritante stem: ik begin te malen en te denken. Ik voel me bang, eenzaam. Zie in mijn hoofd voor me hoe ik straks in elkaar zal zakken. Hoe niemand mij zal kunnen helpen en hoe ik op slag dood zal zijn.

‘Mensen gaan niet zomaar dood,’ probeert geruststellende ik.

‘Maar je stiefmoeder en vader gingen ook zomaar dood,’ spreekt de angst tegen.

De gedachten gaan razendsnel en er zit geen stop op. Nuchtere Shawney probeert er tussen te komen, maar waar ze vaak weet te overtuigen, wordt ze nu overstemd door de schelle stem. Ik wil bevestiging, ik wil daverende, doorslaggevende bevestiging dat er écht niks met mijn hart is. Dus start ik met een ondoordachte googlesessie. Dat is het allerdomste wat je kunt doen. Want volgens internet zul je met deze klachten binnen no-time zes meter onder de grond liggen.

Internet kent geen relativeerknop. Geen filter waarin je invult dat je wellicht te hard gesport hebt met een ongetraind lijf, dat je misschien verkeerd hebt gelegen in bed of een rare beweging hebt gemaakt omdat je werkt met kinderen die nu eenmaal graag aan je hangen en je soms beschouwen als klimmuur en karatetegenstander. Dus volgens Meneer Google was er geen twijfel over mogelijk: dit zijn onomstotelijk de symptomen van een hartaanval.

Mijn hartslag versnelt, ik krijg kramp in mijn schouder en in mijn linkerarm. Zie je wel, denk ik. Zie je wel dat dit te maken heeft met mijn hart. Iedere lichamelijke sensatie die ik waarneem, is een ander onomstotelijk bewijs dat mijn laatste uur geslagen heeft. De paniek groeit. Ik zit in Italië, spreek misschien inmiddels een half woord Italiaans, maar ken zeker geen medische termen. Als het echt misgaat, hoe moet ik dat dan gaan uitleggen? Behalve paniek, word ik overvallen door een intens gevoel van heimwee.

Ik wil graag iemand bellen, ik wil geruststelling en even mijn ei kwijt. Maar mijn verkering is aan het werk. Mama is aan het werk. Mijn beste vriendin is aan het werk. Ze kunnen me dus niet helpen. De drie mensen die ik in deze situatie het liefst zou willen spreken, hadden niet de mogelijkheid om mij eventjes moed in te praten. Ik stuur een berichtje naar een andere vriendin, waarvan ik weet dat ze voor de 100% begrijpt wat ik voel. Ze reageert lief en haar geruststellende woorden lijken voor korte tijd te helpen.

De paniek valt heel eventjes van mij af en nuchtere Shawney lijkt weer een klein beetje grip te hebben op haar doordravende brein. Ik drink een kop koffie, lees wat grappigs op internet. Het komt wel goed, denk ik. Wanneer ik zie hoe laat het is, en bedenk dat ik mij over een paar uur met een kind van vijf in het Italiaanse verkeer moet begeven, word ik weer bang. Het doemdenken overvalt me weer. Alle rampscenario’s flitsen aan me voorbij en ik kan niks anders doen dan me eraan overgeven. Ik ben misselijk en sta te trillen op mijn benen. Ik kan dit niet. Ik kan niet functioneren. Dus ik fiets naar huis. Ik zet mijn fiets in de schuur en kleed me in een waas om in pyjama. Ik stuur mijn hostmoeder een bericht, waarin ik zeg dat ik me echt niet lekker voel en naar bed wil. Of zij alsjeblieft de kinderen wil doen vandaag. Ik schaam me kapot. Ik zeg zo’n vijf keer sorry. Ze antwoordt dat het geen probleem is. Ik ga in bed liggen.

Met de dekens over mijn hoofd, lig ik te shaken in bed. Ik doe een meditatieoefening. Concentreer me op mijn ademhaling. Forceer mezelf aan leuke dingen te denken en hoop dat ik in slaap val. Dat ik straks wakker word en dat ik me dan stel op sprong weer goed voel. Maar ik kan de slaap niet vatten. Ik kan alleen maar denken aan het weeïge gevoel op mijn borst. De kramp in mijn spieren. De trillende handen. Het uit haar voegen barstende hart. Ik kán mezelf niet rustiger maken.

Met het avondeten, schuif ik in pyjama aan. Ik eet met moeder en de kinderen, verdoofd door de paniek. Ik lach om grapjes, klets wat mee over koetjes en kalfjes. Ik eet en iedere hap die ik neem, smaakt naar karton.

Na het eten neem ik een warm bad, ik kijk op mijn telefoon een amusementsprogramma. De hitte van het water ontspant mijn spieren. Mijn hartslag daalt enigszins naar normaal niveau. De paniek begint af te nemen. Maar ik heb geen greintje energie meer over. Ik ben doodop. Mijn ledematen voelen zwaar, mijn hoofd bonkt. Ik wil slapen.

Vlak voor ik ga slapen, krijg ik een bericht van mama. ‘Kussie voor Shawney de Pauwney, gaat ‘ie goed?’ Alsof haar moederhart het aanvoelt. Ik wil het bericht negeren, de dag erna antwoorden. Maar ergens spreekt de snijdende stem: wat nou als je morgen toch niet meer wakker wordt? Dus ik app met mama. Vertel dat het kut gaat. Haar woorden maken me aan het huilen. Ik voel me zo eenzaam en alleen. Ruim 1000 kilometer verderop, spreekt mama de kalmerende woorden die alleen een moeder kan zeggen. Als mijn tranen opgedroogd zijn, durf ik haar wel te bellen. Dus we bellen en ze neemt het laatste restje paniek weg. De paniek is uit mijn hoofd, alleen nog niet uit mijn lijf.

Ik bel nog even met mijn vriendin, dat is fijn. Ik hang op en ga zo lekker mogelijk liggen. Na lang woelen en draaien, val ik eindelijk in slaap.

En vanmorgen? Vanmorgen werd ik gewoon weer wakker. Ik voel me nog niet top, maar in elk geval een stuk beter.

One Comment

  1. Francisca Josephine Gaarenstroom

    Met tranen in mij ogen en een brok in mijn keel lees ik je verhaal….
    En ja Shawney…. Moeders voelen dat er iets niet lekker zit.. ook al zit je 1000 kilmoters van elkaar verwijdert…
    Ik hoop dat je gevoel van paniek en heimwee weer een beetje op de achtergrond is verdwenen…. Je bent een Sterke Meid Shawney…. Keep on doing what You’re doing the best…! Enjoy Italy…. Take care of Yourself…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.