Achtste verdieping

In deze blog wordt gesproken over suïcidale gedachten. Heb jij hier ook last van en zoek je iemand om mee te praten? Raadpleeg 113.nl.

We staan op de achtste verdieping. Het eerste wat ik doe is naar beneden kijken. ‘Zacht gras en weinig obstakels,’ denk ik met een mengeling van opluchting en teleurstelling. Aan de andere kant van het gebouw is wel een stenen ondergrond. De reling van de etage is niet hoog. In theorie zou het kunnen.

Door al mijn gedachten vergeet ik bijna naar het uitzicht te kijken. Ik kan de hele skyline van de stad zien. Ik zou hier eindeloos kunnen zitten en kijken. Zonsondergangen, wolkenpartijen, eventueel vuurwerk. Ik kan hier alles gadeslaan. Het is prachtig.

Toch trekken mijn ogen steeds als magneten terug naar de grond. Ik ben al lang niet meer echt suïcidaal geweest, maar het is normaal geworden om een subtiele check uit te voeren bij spoorwegovergangen en flatgebouwen. ‘Als het echt niet meer gaat, kan het dan hier?’

“Je hebt niet echt hoogtevrees hoor, zoals je daar aan de reling staat te kijken,” zegt hij vrolijk. Ik krimp ineen vanbinnen. Hij moest eens weten wat er zich in mijn hoofd afspeelt, over welke scenario’s ik hier sta na te denken. “Wat een geweldig uitzicht hè,” zegt hij, “heb ik je al zover om hier vaker te komen?”

Ineens ben ik mijn zwijgen zat. Ik sta hier aan dat onderwerp te denken waarvan iedereen altijd zó stellig beweert dat je erover zou moeten praten. Dus besluit ik het gewoon te vertellen: “Ik ben erg suïcidaal geweest en zou bang zijn dat ik hier in een vlaag van wanhoop iets ergs zou doen,” zeg ik. Ik zie zijn ogen van kleur verschieten. Eerst denken ze dat ik een grapje maak, daarna geloven ze me. Ik zie de vraagtekens in zijn ogen. Suïcidaal, zij?!

Hij maakt zich er vanaf met een grapje en ik grap meteen terug. Ik versta de taal van emoties wegmaken met humor. Het is oké, het geeft niet dat hij zich even geen houding weet te geven. Ik weet zelf maar amper hoe ik hiermee om moet gaan, laat staan dat ik dat van hem kan verwachten. Ik ben allang blij dat ons gesprek niet stilviel.

Na een tijdje boven te hebben gestaan, wint het uitzicht van het gezicht naar beneden. Zolang ik voor me uitkijk, gaat het oké. Ik geniet zelfs een beetje, fantaseer over hier vaker zitten. Beetje denken, beetje kijken. Misschien zelfs een telescoop plaatsen om andere mensen of hemellichamen te bestuderen. Het is een unieke plek.

Daarna gaan we naar beneden, verdieping na verdieping en dan staan we weer op de grond. De horizon ligt weer keurig op dezelfde hoogte in plaats van ver onder me. En dan besef ik dat het goed is, ik dicht bij de aarde. Op zulke hoogtes ga ik slechts dromen over alles wat ver achter me ligt, waarvan ik hoopte dat het inmiddels uit mijn gedachten verbannen was.

Nee, mijn thuis is er niet eentje op grote hoogte. Voor mijn eigen veiligheid is het beter dat ik laag blijf. Goed geaard en geworteld in het leven, met mijn voeten stevig op de grond.

2 Comments

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.