sleutel wordt in hand gegeven

Aan wie schrijf jij iets toe?

Vroeger ging een gesprek met een begeleider als volgt: ‘Ik heb een goede week gehad. Het heeft echt geholpen dat een vriend mij hielp door in de ochtend te bellen. Daarnaast bood een begeleider een luisterend oor. Hij bood een veilige plek, zodat ik even mijn verhaal kwijt kon en lukte me om samen met hem een planning te maken. Dat heeft mij enorm geholpen om in de ochtend op te staan. Dus ik ben echt blij dat zij mij helpen, zonder hen was het niet gelukt.’

Zo gingen de gesprekken wel vaker. Op zich niet heel bijzonder en het was vooral heel fijn dat het me lukte om in beweging te komen. Toch viel op een gegeven moment iets op. Doordat de ander er was, lukte het mij om iets te doen. Doordat de ander ruimte gaf, kon ik mijn ei kwijt. Doordat de ander mij belde, kon ik opstaan. Het kwam door de ander dat iets lukte. Ook kon ik iets toeschrijven aan een samenloop van omstandigheden, maar door mij kwam het niet.

Het gesprek ging heel anders wanneer ik een slechte week had gehad: ‘Het lukte mij niet om te bellen. Het lukte mij niet om contact te maken. Ik voelde me niet veilig om iets te vertellen. Ik maakte geen planning. Ik hield me er niet aan. Ik stelde me niet open. Het was mijn schuld dat het slecht ging.’

Dus als er iets lukte kwam het door de ander en wanneer iets niet lukte kwam het door mij en was ik heel boos op mezelf. Dat is wel krom. Klopt dat wel? Wat deed de ander en wat deed ik? Wat deed ik zelf, waardoor iets wel lukte?

Nu kan ik daar veel makkelijker antwoord opgeven. In een goede week zette ik mijn telefoon aan. Ik vertelde wat mij dwars zat. Ik vroeg aan de begeleider of hij met mij een planning wilde maken. Ik deelde wat er in de planning moest komen te staan. Ik nam hierin een stukje regie, een stukje verantwoordelijkheid. De ander was er, maar ik stelde me open.

Ik nam mezelf het kwalijk als ik een week had waarin niks lukte. Ik vroeg me af of het altijd volledig mijn schuld was als iets niet goed ging. Is dat zo, of misschien toch niet volledig? Natuurlijk, je hebt ergens zelf een aandeel in, maar het kan ook een samenloop van omstandigheden zijn. Aan mijn aandeel kan ik wat doen. Daar mag ik even boos op zijn. Boosheid helpt om jezelf in beweging te krijgen. Dus zolang de boosheid mij helpt om verder te komen en het de volgende keer anders aan te pakken, is dat goed. Aan het andere kan ik niks doen. Is het dan terecht om heel boos op mijzelf te zijn? Ik denk nu van niet.

Aan wie schrijf jij toe dat iets lukt? Wat doe jij daarin?

boekentip bij deze blog